De extreme smelt waarmee het gebied te maken heeft, resulteert in een veel grotere zeespiegelstijging dan verwacht.

Dat blijkt uit een nieuwe wetenschappelijke assessment, uitgevoerd door het Arctic Council’s Arctic Monitoring and Assessment Programme (AMAP). Het rapport handelt over de periode tussen 2011 en begin 2017 en kan gezien worden als de opvolger van een soortgelijk rapport dat in 2011 verscheen. Aan het nieuwe rapport hebben 90 wetenschappers meegewerkt. Nog eens 28 deskundigen onderwierpen het resulterende rapport aan een peer-review. “Het Arctisch gebied zoals wij het kennen zal nog tijdens ons leven verdwijnen,” vat klimaatexpert Martin Sommerkorn, verbonden aan het WNF, het rapport krachtig samen.

Het Noordpoolgebied warmt twee keer sneller op dan de rest van de aarde. Het leidt tot een afname van het zee-ijs: de dikte van het ijs in het hart van de Noordelijke IJszee is in de periode 1975-2012 met 65 procent afgenomen. Oud zee-ijs verliest terrein en jong – en dunner en dus kwetsbaarder – ijs domineert. En ook het op land gelegen ijs (denk bijvoorbeeld aan de Groenlandse ijskap) heeft te maken met smelt. Tegelijkertijd krijgen de hogere temperaturen steeds meer grip op het permafrost.

Zeespiegelstijging
Het resulterende rapport geeft een uitgebreide stand van zaken. Maar er zijn drie conclusies die er echt uitspringen. Zo concluderen de onderzoekers dat het Noordpoolgebied de laatste jaren met extreme smelt te maken heeft. “70 procent van de Arctische bijdrage aan de zeespiegelstijging is afkomstig van Groenland dat in de periode 2011 tot 2014 gemiddeld 375 gigaton ijs per jaar verloor.” Daarmee verloor Groenland in die periode bijna twee keer zoveel ijs als in de periode tussen 2003 en 2008. En dat heeft gevolgen. Als de broeikasgasconcentraties zo blijven toenemen, zal het smelten van het Arctische landijs tussen 2006 en 2100 leiden tot een zeespiegelstijging van zo’n 25 centimeter. “Veel van de kleinere gletsjers in het Arctische gebied zullen tegen 2050 compleet verdwenen zijn,” zo voorspellen de onderzoekers.

Het complete plaatje
Maar natuurlijk heeft niet alleen het Arctisch gebied te maken met smelt. Ook elders op aarde kwijnen ijskappen en gletsjers weg. Volgens de onderzoekers zullen al die smeltende ijskappen en gletsjers wereldwijd tegen het jaar 2100 resulteren in een zeespiegelstijging van minimaal 74 centimeter (er even van uitgaande dat we op de huidige voet doorgaan met het uitstoten van broeikasgassen). Gaan we onze uitstoot beperken, dan zullen de smeltende gletsjers en ijskappen wereldwijd tegen het jaar 2100 resulteren in een zeespiegelstijging van minimaal 52 centimeter. Het zijn schokkende cijfers. Want dit zijn conservatieve schattingen (we spreken van minimaal 74 en minimaal 52 centimeter). En die conservatieve schattingen vallen bijna twee keer hoger uit dan de minimale zeespiegelstijging waarmee het IPCC sinds 2013 rekening houdt.

Hier zie je het gebied waarover het onderzoeksrapport (voornamelijk) gaat.

Deze veranderingen gaan we voelen
Maar dat is niet de enige conclusie waarop de wetenschappers binnen hun assessment de nadruk leggen. Ze stellen tevens dat de Noordelijke IJszee binnen twee decennia in de zomer al ijsvrij kan zijn. ““Dat is sneller dan de onderzoekers eerder dachten,” laat Sommerkorn in reactie op het rapport weten. “Dit zal grote gevolgen hebben voor het leefgebied van dieren als ijsberen, zeehonden en narwals. Op land leidt de huidige en toekomstige klimaatverandering onder meer tot een toename van bosbranden, insectenplagen en de permafrost zal verder ontdooien. Ook voor de inheemse bevolking in de regio zal de impact groot zijn.”

Wereldwijd
Maar de veranderingen in het Noordpoolgebied gaan ook veel verder weg – mogelijk zelfs wereldwijd – gevoeld worden. We hebben het dan niet alleen over de zeespiegelstijging. De veranderingen die nu op de Noordpool plaatsvinden (verlies van land- en zee-ijs, veranderingen in sneeuwbedekking) zijn namelijk ook van invloed op weerpatronen. Smeltwater van Arctische gletsjers en ijskappen kan bijvoorbeeld de Warme Golfstroom – van grote invloed op het weer in West-Europa – verzwakken. En er zijn zelfs onderzoeken die suggereren dat de veranderingen in het Noordpoolgebied invloed hebben op de start en intensiteit van de moessons in Zuidoost-Azië.

Het verschil maken
Is er ook nog goed nieuws? Jawel. We kunnen actie ondernemen en zo de opwarming van het Noordpoolgebied afremmen. Naleving van het klimaatakkoord van Parijs – en dus beperking van de CO2-uitstoot – kan bijvoorbeeld zomaar 20 centimeter zeespiegelstijging schelen. Als we de opwarming weten te beperken tot minder dan 2 graden Celsius zal het Noordpoolgebied tegen 2100 ‘s winters zo’n zes graden warmer zijn dan aan het eind van de twintigste eeuw. Blijven we gewoon op de oude voet doorgaan met het uitstoten van broeikasgassen dan zal de gemiddelde temperatuur van het Noordpoolgebied tegen het jaar 2100 in de winter 12 graden hoger uitvallen dan aan het eind van de twintigste eeuw.

We staan dus zeker niet machteloos. En we hebben een goede reden om in actie te komen, zo benadrukken de onderzoekers keer op keer. Want de gevolgen van de opwarming van het Noordpoolgebied “resoneren ver ten zuiden van de Noordpoolcirkel”.