De kaken van een oude mensachtige wezen erop dat hij vooral noten at. Maar uit een analyse blijkt dat onze voorouder het meer van gras moest hebben.

Het gaat om de soort Paranthropus boisei. De restanten van deze mensachtige werden in 1959 in Tanzania aangetroffen. De soort leefde zo’n 1,2 tot 2,3 miljoen jaar geleden.

Gebit
Met name het gebit van de mensachtige trok de aandacht: P. boisei heeft kiezen die drie keer zo groot zijn als die van de moderne mens. Wetenschappers concludeerden dan ook dat de soort veel noten at: zijn gebit was zeer geschikt om deze te kraken. Het leverde de mensachtige de bijnaam ‘Notenkrakerman’ op.

Het gebit van de P. boisei (links). Foto: Melissa Lutz Blouin / University of Arkansas

Zebra’s
Maar er klopt niets van, zo stellen onderzoekers op basis van een nieuwe studie. “Hij at waarschijnlijk gras en was vrijwel zeker geen notenkraker,” stelt onderzoeker Thure Cerling. Dat betekent dat de mensachtige op dezelfde grasvelden als zebra’s, nijlpaarden en varkens naar voedsel zocht. “Zij waren concurrenten en aten van dezelfde tafel.”

De onderzoekers konden het dieet van de oude mensachtige ontrafelen door te kijken naar koolstofisotopen in de tanden. Hieruit bleek dat de mensachtigen grassen en kruiden aten. De onderzoekers pleiten ervoor dat ook het dieet van andere mensachtigen nog eens onder de loep wordt genomen. Isotopen geven namelijk een veel beter beeld dan de vorm van de tanden.

Bovenstaande foto is een reconstructie van het hoofd van een Paranthropus boisei. Foto: Lillyundfreya (via Wikimedia Commons).