Graaf maar wat dieper in de portemonnee. Dat is de boodschap van president Barack Obama aan oliemaatschappij BP. De Amerikaanse overheid houdt het Britse bedrijf verantwoordelijk en wil alle kosten op BP verhalen. Opvallend genoeg blijven de Amerikaanse betrokkenen bij het verhaal buiten schot…

BP gaat sowieso alle kosten omtrent het schoonmaken van de Golf en omliggende kustgebieden betalen. Maar Amerika wil meer. De Amerikaanse overheid heeft alle boringen in de Golf stilgelegd. Dat betekent dat tienduizenden arbeiders thuis zitten. Als het aan Obama ligt, betaalt BP hun misgelopen salaris tot aan de laatste cent terug. Naar schatting kan BP daarnaast nog eens boetes tot 24 miljard dollar verwachten.

Amerikanen
De grote vraag is nu echter: is dat wel helemaal eerlijk? De Engelse kranten vinden van niet. Er zijn namelijk nog drie bedrijven bij de ramp betrokken. Bijvoorbeeld Halliburton. Dit aannemersbedrijf – in het verleden nog gerund door oud-vice-president Dick Cheney – is verantwoordelijk voor het cement op de zeebodem onder het lek en heeft zo op het eerste oog gefaald. Datzelfde geldt voor Cameron International. Dit bedrijf maakte de blowout preventer; de klep die de leiding in noodgevallen moet sluiten. Deze klep weigerde dienst en zorgde ervoor dat de ramp deze omvang kon krijgen.

Opvallend
Alle bedrijven zijn op het matje geroepen en Obama vond hun handelen onjuist. Maar geen van de genoemde Amerikaanse (!) bedrijven wordt bij Obama’s woede betrokken. En dat is op zijn minst opvallend te noemen. Wanneer BP boven op alle boetes ook nog de salariskosten van de arbeiders in de Golf van Mexico moet betalen, wordt het spannend. Het voortbestaan van de oliemaatschappij kan dan wel eens in gevaar komen.

BP doet er ondertussen alles aan om de goede wil te tonen. Zo probeert het bedrijf zoveel mogelijk olie op te vangen en af te voeren. Maar het lot lijkt al beslecht…