Nieuw onderzoek toont aan dat het organiseren van de Olympische Spelen sinds 1960 gemiddeld 156 procent duurder uitvalt dan begroot.

Het organiseren van de Olympische Spelen is een dure grap. En maar al te vaak blijkt dat grapje aan het eind van de rit nog veel duurder te zijn uitgevallen dan op voorhand werd gedacht. Je zou denken dat er – gezien de enorme bedragen waar we het over hebben – uitgebreid onderzoek is gedaan naar de kosten en kostenoverschrijding van voorgaande Spelen. Maar niets is minder waar. Sterker nog: zojuist is het allereerste grootschalige onderzoek hiernaar verschenen. En het liegt er niet om..

Kosten
De onderzoekers bestudeerden de Olympische Spelen (Zomer- en Winterspelen) die sinds 1960 zijn gehouden. Voor zover mogelijk stelden ze van elke Olympische Spelen vast welk budget er op voorhand was. En welke kosten er uiteindelijk mee gemoeid waren. Ze keken hiertoe naar operationele kosten (beveiliging, catering, administratiekosten, transport, etc.), maar ook naar de kosten van het bouwen van een Olympisch dorp, extra stadions en perscentra. De indirecte kosten van de Olympische Spelen werden buiten beschouwing gehouden. Je moet dan bijvoorbeeld denken aan verbeteringen van de lokale infrastructuur ten behoeve van de Spelen, iets wat doorgaans nog veel meer kost dan alle andere uitgaven ten behoeve van de Spelen bij elkaar opgeteld.

“Het klinkt ongelofelijk, maar voor meer dan een derde van de Spelen tussen 1960 en 2016 lijkt niemand te weten hoe groot de kostenoverschrijding was”

Geen gegevens
Tussen 1960 en 2016 werden 30 Spelen georganiseerd. Maar de onderzoekers konden er slechts 19 analyseren. Simpelweg, omdat er voor de andere elf geen geldige, betrouwbare gegevens voorhanden waren. “Dat is op zichzelf al een interessante bevinding,” zo schrijven de onderzoekers in hun paper. “Omdat het betekent – hoe ongelofelijk dat ook klinkt – dat voor meer dan een derde van de Spelen tussen 1960 en 2016 niemand lijkt te weten hoe groot de kostenoverschrijding was.” In veel gevallen is die informatie wellicht met de mantel der liefde bedekt.

Rio de Janeiro
Volgende week beginnen de Olympische Spelen in Rio de Janeiro. Pas als deze afgelopen zijn, weten we wat ze exact gekost hebben. Maar afgaand op de voorlopige cijfers gaan ook deze Spelen over budget heen. Zo’n 51 procent.

22 miljoen: een koopje
De onderzoekers analyseerden dus 19 Spelen en moeten concluderen dat de Zomerspelen aanzienlijk duurder zijn dan de Winterspelen. Zo kostten de Zomerspelen tussen 1960 en 2016 gemiddeld 5,2 miljard dollar, terwijl de Winterspelen gemiddeld ‘slechts’ 3,1 miljard dollar kostten. De duurste Zomerspelen ooit werden in 2012 in Londen georganiseerd. Met die Spelen was zo’n 15 miljard dollar gemoeid. De duurste Winterspelen vonden plaats in Sochi (2014) en kostten 21,9 miljard dollar. “Dit is opmerkelijk, omdat de kosten voor de Winterspelen doorgaans veel lager liggen dan voor de Zomerspelen.” De goedkoopste Zomerspelen vonden plaats in Tokyo (1964) en kostten 282 miljoen dollar. De goedkoopste Winterspelen vonden plaats in Innsbruck (1964) en kostten slechts 22 miljoen dollar.

Kostenoverschrijding
Tot zover de kosten. Maar hoe zit het nu met kostenoverschrijding? Hoe ver gingen de organisatoren tussen 1960 en 2016 over hun budget heen? Ook dat zochten de onderzoekers uit. En wederom moesten ze zich hierbij beperken tot de 19 landen die hier gegevens over hebben vrijgegeven. Al deze Spelen samen hebben een kostenoverschrijding van gemiddeld 156 procent. Kijken we alleen naar de Zomerspelen dan komen we op een gemiddelde kostenoverschrijding van 176 procent. Voor de Winterspelen is dat 142 procent. “Afgaand op deze statistieken is het duidelijk dat een groot risico op een grote kostenoverschrijding inherent is aan de Olympische Spelen,” zo concluderen de onderzoekers.

Montreal
De grootste kostenoverschrijding die tot op heden tijdens de Zomerspelen plaatsvond? Montreal. De organisator kreeg toen aan het einde van de rit te maken met een kostenoverschrijding van 720 procent. Ook de Zomerspelen in Barcelona (1992) kostten iets meer dan gepland: een kostenoverschrijding van 266 procent. De kleinste kostenoverschrijding tijdens de Zomerspelen staat op naam van de Chinezen (Beijing, 2008): 2 procent. De grootste kostenoverschrijding tijdens de Winterspelen: 324 procent (Lake Placid, 1980). Ook de Winterspelen in Sochi kostten zo’n 289 procent meer dan begroot. De kleinste kostenoverschrijding tijdens de Winterspelen staat op naam van Vancouver (2010): 13 procent.

Het wiel uitvinden
In de jaren negentig besloot het IOC maatregelen te treffen om de kostenoverschrijdingen tegen te gaan. Het richtte het Olympic Games Knowledge Management Program op. Het programma is erop gericht kennis van de ene organisator op de andere over te dragen. In feite moet het programma er dus voor zorgen dat landen niet elke keer het wiel hoeven uit te vinden. Dit onderzoek suggereert dat het programma werkt. De onderzoekers vergeleken de kostenoverschrijdingen voor 1999 met de kostenoverschrijdingen erna (toen het programma actief werd). Voor 1999 was er sprake van een gemiddelde kostenoverschrijding van 230 procent. Na 1999 was er sprake van een gemiddelde kostenoverschrijding van 75 procent.

Risico
Regelmatig nemen landen wereldwijd megaprojecten op zich. Ze bouwen een brug of leggen een nieuwe spoorweg aan of organiseren de Olympische Spelen. En het is zeker niet ongebruikelijk dat dergelijke megaprojecten duurder uitvallen dan begroot. Maar de Olympische Spelen spannen toch de kroon, zo benadrukken de onderzoekers. Gemiddeld worden 10 tot 20 procent van de megaprojecten binnen budget gerealiseerd. Voor de Olympische Spelen is dat 0 procent: alle Olympische Spelen vallen duurder uit dan begroot. En wanneer een land belooft alle kosten die de Olympische Spelen met zich meebrengen, te dekken, geeft het eigenlijk een blanco cheque weg. “Wanneer een stad en natie besluit om de Olympische Spelen te organiseren, besluit deze eigenlijk om één van de duurste en meest risicovolle megaprojecten op zich te nemen.”

Maar waarom gaan al die landen continu over hun budget heen? De onderzoekers denken dat wel te kunnen verklaren. Ze wijzen erop dat de Olympische Spelen van stad naar stad reizen en elke stad elke keer opnieuw het wiel moet uitvinden (zie kader hierboven). En als zo’n stad of land de Spelen al een keer georganiseerd heeft, dan is dat zolang geleden dat alle opgedane wijze lessen weer vergeten zijn. Wat ook niet helpt, is de keiharde deadline waarop alles klaar moet zijn. Wanneer er een probleem opdoemt, kan de organisator eigenlijk maar één ding doen: er nog meer geld tegenaan gooien. “Daar heb je die blanco cheque weer.”