Het gezin en biologische factoren hebben naast de genetische aanleg een grote invloed op de ontwikkeling van ADHD. Dat concludeert onderzoeker Cathelijne Buschgens. Een moeder die tijdens de zwangerschap rookt, complicaties tijdens de zwangerschap en bevalling en een hoog geboortegewicht: het heeft allemaal invloed.

ADHD – Attention Deficit Hyperactivity Disorder – is een stoornis die leidt tot allerlei problemen: moeite met concentreren, hyperactiviteit en impulsief gedrag. Wetenschappers namen altijd al aan dat de omgeving invloed heeft op deze symptomen en de stoornis zelf, maar dat werd nooit bewezen.

Behandeling
Tot Buschgens zich er in verdiepte. Zij onderzocht de kwestie op de afdeling Psychiatrie van het UMC St Radboud en promoveert in september op haar onderzoek. Volgens haar is het belangrijk dat de omgeving van een kind met ADHD eindelijk de aandacht krijgt die deze verdient. “Vooral omdat omgevingsfactoren handvatten kunnen bieden voor preventie en behandeling.”

Verband
Buschgens bestudeerde onder meer enquêtes die zijn afgenomen onder kinderen, ouders en docenten. Ze zocht vooral naar verbanden en vond die. Zo blijken diverse factoren het ADHD-gedrag van het kind te beïnvloeden. Een hoog gewicht bij de geboorte (negen pond of meer) bijvoorbeeld. Of het feit dat de moeder tijdens de zwangerschap rookt. En complicaties tijdens de bevalling of zwangerschap.

Risico
Het verband tussen het ADHD-gedrag en de omgeving bleek voor alle kinderen met ADHD te gelden, maar was het sterkst bij de kinderen die ook een familierisico met zich meedroegen. Dat wil zeggen dat zij erfelijk gezien een grotere kans op ADHD hebben.

Opvallend
Buschgens vindt vooral de factor van het hoge geboortegewicht opvallend. “Van een laag geboortegewicht is bekend dat het schadelijk kan zijn voor de gezondheid van een kind. Maar van een hoog geboortegewicht zijn veel minder lange termijn risico’s bekend.”

Ook de manier waarop een kind wordt opgevoed kan samenhangen met ADHD-kenmerken. Zo zal een kind in een weinig warme, afwijzende en overbeschermende omgeving meer ADHD-kenmerken vertonen. Buschgens concludeert dat het ADHD-gedrag op zijn beurt weer invloed heeft op de verhouding tussen de broertjes en zusjes onderling. Ze acht het dan ook belangrijk dat het hele gezin bij de behandeling van het kind met ADHD betrokken is.