Nergens ter wereld is nog een ongerept landschap te vinden en in de meeste gevallen is dat al zeker 1000 jaar zo. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

Wetenschappers van de universiteit van Oxford bogen zich over archeologische gegevens van de laatste dertig jaar. Deze gegevens geven inzicht in hoe de activiteit van mensen gebieden wereldwijd over een periode van duizenden jaren heeft veranderd.

Al heel lang
Vaak wordt gesteld dat mensen pas werkelijk invloed gingen uitoefenen op de aarde na de industriële revolutie, maar dat klopt niet, zo stellen de onderzoekers. Uit hun onderzoek komt duidelijk naar voren dat mensen al heel lang een stempel op landschappen drukken. En landschappen waar de mens nog geen invloed op heeft uitgeoefend, bestaan eigenlijk niet meer, zo schrijven de onderzoekers in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences.

Extincties
Het onderzoek laat onder meer zien dat veel planten- bomen en dierensoorten die vandaag de dag goed gedijen, soorten zijn waar onze voorouders een voorkeur voor hadden. En extincties die duizenden jaren geleden plaatsvonden, waren vaak het resultaat van overbejaging of het feit dat mensen land voor andere doeleinden gingen gebruiken.

Vier fasen
Volgens de onderzoekers hebben mensen de aarde in vier duidelijk te onderscheiden fasen voorgoed veranderd. De eerste fase begon al in het late Pleistoceen en wordt gekenmerkt door het feit dat het aantal mensen op aarde toenam en mensen zich over de hele aarde verspreidden. Dat leidde tot het uitsterven van verschillende soorten, waaronder de ‘megafauna’. Met name het verdwijnen van die laatstgenoemde soorten had een enorme impact op de ecosystemen van toen.

De wolharige mammoet behoort tot de Euraziatische megafauna. Afbeelding: Mauricio Antón (PLoS ONE).

De wolharige mammoet behoort tot de Euraziatische megafauna. Afbeelding: Mauricio Antón (PLoS ONE).

Landbouw
De tweede fase wordt gekenmerkt door de opkomst van de landbouw. Dieren werden gedomesticeerd en van het ene werelddeel naar het andere gebracht. Neem bijvoorbeeld schapen, geiten en runderen. Zij werden rond 10.500 jaar geleden in het Nabije Oosten gedomesticeerd en arriveerden binnen enkele millennia al in Europa, Afrika en Zuid-Azië. Of kippen. Zij werden gedomesticeerd in Oost-Azië, maar inmiddels zijn er wereldwijd voor elke mens drie kippen te vinden. Voor honden geldt hetzelfde. Zij werden nog voor de opkomst van de landbouw gedomesticeerd en inmiddels zijn er wereldwijd tussen de 700 miljoen en 1 miljard exemplaren te vinden. Als je het aantal gedomesticeerde dieren afzet tegen het aantal werkelijk ‘wilde’ dieren, zie je dat er maar heel weinig wilde dieren meer zijn en dat hun aantallen bovendien afnemen.

Kolonisatie van eilanden
De derde fase betreft het koloniseren van de eilanden wereldwijd. De onderzoekers stellen dat het resulteerde in het verplaatsen van soorten. Dat kwam zo veelvuldig voor dat archeologen soms zelf spreken van ‘getransporteerde landschappen’. Want op het moment dat mensen voet zetten op een eiland, brachten ze nieuwe soorten, vuur en ontbossing met zich mee en dat waren vaak bedreigingen voor de inheemse dieren.

“De vraag is nu: wat voor ecosystemen gaan we met het oog op de toekomst creëren?”

Handel
En dan de laatste fase. Deze startte in de Bronstijd en wordt gekenmerkt door een groeiende wereldbevolking en dus een grotere vraag naar voedsel en grootschalige handel. Om aan de vraag naar voedsel te kunnen voldoen en ook gewassen te kunnen verhandelen, werden heel wat bossen gekapt. Heel concreet: in het Nabije Oosten werd zo’n 3000 jaar geleden ongeveer 80 tot 85 procent van het gebied geschikt voor landbouw gecultiveerd.

Het onderzoek toont aan dat we al lang onze stempel op de wereld drukken. Maar het onderzoek heeft niet alleen implicaties voor ons begrip van het verleden. We kunnen er ook vandaag de dag en in de toekomst mee uit de voeten, stelt onderzoeker Nicole Boivin. “Archeologische gegevens laten duidelijk zien dat mensen meer dan capabel zijn om ecosystemen opnieuw vorm te geven. De vraag is nu: wat voor ecosystemen gaan we met het oog op de toekomst creëren? Ecosystemen die goed zijn voor het welzijn van onze soort en andere soorten of ecosystemen die leiden tot extincties en onomkeerbare verandering van het klimaat?”