Wat komt er in de toekomst op ons bord te liggen? In voorbije eeuwen hielden wetenschappers, kunstenaars en schrijvers zich al met die vraag bezig. En…zouden ze gelijk kunnen hebben?

Dit artikel is geschreven door Charlotte Kleyn en is oorspronkelijk verschenen in Archeologie Magazine (nummer 1, 2018 pag. 32-33): Ontdek archeologische vindplaatsen en beleef dé verhalen over opkomst en ondergang van eeuwenoude beschavingen!

Wat eten we in de toekomst? Het lijkt een recent discussieonderwerp, maar dat is het niet. Eeuwen geleden waren mensen namelijk ook al met die vraag bezig.

Genoeg te eten?
Ligt er straks nog wel wat op ons bord? Dat is de eerste vraag als het over eten in de toekomst gaat. De Britse dominee, demograaf en econoom Thomas Maltus (1766–1834) zag het somber in. In zijn beroemde pamflet An Essay on the Principle of Population (1798) voorspelde hij dat de bevolking veel sneller zou groeien dan de voedselproductie zou kunnen bijhouden. Dit zou uitlopen in een malthusiaanse catastrofe: een grote hongersnood. De enige oplossing? Er moesten minder mensen op de wereld komen, en dus moest men minder kinderen krijgen. En Malthus zag dat nog niet zo snel gebeuren, want de mens was volgens hem slecht in zijn eigen lusten bedwingen.


Eerlijk zullen we alles delen
Malthus had zijn essay geschreven naar aanleiding van werk van William Godwin (1756–1836). De Britse politiek filosoof en anarchist schreef over ‘de vervolmaking van de samenleving’, waarin iedereen zich door rede zou laten leiden. Als iedereen beter zou leren delen, zou er genoeg eten zijn én zouden er betere mensen op de wereld zijn. In 1820 reageerde hij op Malthus’ essay en stelde dat het met de naderende catastrofes zo hard niet zou lopen. Bovendien had Malthus volgens Godwin ontzettend overdreven over dat de bevolking zo hard zou groeien. Ook vond Godwin dat de groei kon worden ingeperkt door gebruik van de ratio: het verlangen naar seks zou worden vervangen door het nastreven van intellectuele genoegens. Al met al leuk bedacht, meneer Godwin, maar men heeft niet echt geleerd te delen, de bevolking is wél erg gegroeid, en van dat laatste punt is ook niet veel terecht gekomen…

Technologische oplossingen
Het probleem kan ook anders bekeken worden. Als er zoveel mensen bijkomen, dan produceren we toch gewoon meer eten? Eind 19e en begin 20e eeuw zat de westerse wereld in een technologische stroomversnelling. Het idee was dat al deze nieuwe uitvindingen ons ook van het voedselprobleem konden afhelpen. Alles moest nieuw, gereduceerd, synthetisch en efficiënt. We zouden industrieel moeten boeren en nieuwe landbouwgrond vinden. De ideeën waren nogal out of the box. Wat dacht u van ijs wegsmelten met radiostraling in het Noordpoolgebied, of landbouwgrond winnen op Mars of de maan? Er is tot nu toe nog geen worteltje op Mars geoogst, maar die ijskappen zijn wel zonder radiostraling aan het verdwijnen. Toch niet echt op de manier die de modernisten eind 19e eeuw in gedachten hadden..

Cover IF Science Fiction (1960): astronaut met pil.

Poeders, pillen en tubes
De geschiedenis van het voedselvraagstuk in de toekomst gaat over meer dan alleen de vraag of er genoeg eten beschikbaar zou zijn. Er is ook nagedacht over wat we precies zouden eten en hoe het zou worden klaargemaakt. Het meest tot de verbeelding sprekend waren wel pillen, poeders en tubes: in één klap zou de mens in de toekomst zijn maag gevuld hebben. Sciencefictionboeken en –films zitten er vol mee, zoals de film Just Imagine (1930): een man wordt na vijftig jaar wakker uit een coma en bevindt zich in het New York van de jaren tachtig, waar het diner van soep, biefstuk, bietjes, asperges, taart en koffie in één pil zit. Handig toch? Dat moeten Amerikaanse feministen eind 19e eeuw ook hebben bedacht, want zij staan aan de basis van het pillen-idee. Tijdens de Wereldtentoonstelling van 1893 in Chicago voorspelde een Amerikaanse suffragette dat mensen in 1993 alleen nog synthetisch voedsel zouden eten, en dat vrouwen zo bevrijd zouden worden van de lasten van het koken. In de jaren twintig en dertig werd de pil gezien als oplossing voor naderende voedseltekorten en in de jaren zestig deed de eetpil mee in de opwinding van de space race als astronauteneten. Allemaal ontzettend spannend, maar uiteindelijk is de pil nooit echt ver gekomen. Waarschijnlijk omdat het sociale aspect van eten en verschillende smaken en structuren onmisbaar zijn voor de mens.

Reclame New Departures of Tomorrow (1956): koken in 1965?

Moderne keukens
In 1957 vond de tentoonstelling Het Atoom op Schiphol plaats, waar de nieuwe atoomenergie werd gevierd en allerlei technologische nieuwigheden werden getoond, zoals een moderne keuken. In een kookboek uit die tijd wordt zo’n keuken enthousiast beschreven. Het groot aantal apparaten (op atoomenergie) was voorzien van drukknoppen, die het leven van de huisvrouw zouden vergemakkelijken. Datzelfde gold voor kastjes die vanzelf omhoog kwamen (dus vrouwen hoeven niet meer te bukken) en een rijdende serveerboy die met knoppen te bedienen was (hij komt naar de huisvrouw toe rijden als zij dat wil, dus lopen hoeft niet meer). Een aantal recepten wordt à la minute tevoorschijn getoverd, ook door een druk op de knop. Met een gecombineerd telefoon/televisie-apparaat is de toekomstige huisvrouw in staat niet alleen leveranciers (en vriendinnen) te telefoneren, doch zij kan ze ook zièn. Op afbeeldingen uit de jaren vijftig staan hypermoderne keukens waar in feite niet meer in hoeft worden gekookt: alles gebeurt vanzelf!

Afbeelding uit het Futuristisch Kookboek (1930): opmaak van een bord met worsten onder de eerste sneeuw en een zig-zag van spinazie.

Futuristisch absurdisme
Kan ik u een Porroniana of het Opgewonden Varken aanbieden? Dat is worst in een geconcentreerde oplossing van sterke zwarte koffie met eau-de-Cologne. Of een cocktail van sinaasappelsap, grappa, vloeibare chocola en een drijvende eidooier? Niet verzonnen, maar letterlijk overgenomen uit wellicht het bizarste kookboek uit de geschiedenis: het Futuristische Kookboek (1930). Geschreven door de Italiaanse futurist Filippo Marinetti, die met zijn kunststroming de nostalgische kijk naar het verleden definitief wilde verleggen naar een heldere blik op de toekomst.
De futuristen verheerlijkten snelheid, technologie en oorlog. Op eetgebied hadden ze eveneens sterke ideeën. Het eten van pasta moest worden afgeschaft, want dat waren stille archeologische wormen die je niet hoefde te kauwen en daardoor zouden mensen zwaar, lui, langzaam, pessimistisch en nostalgisch worden. Marinetti’s belangrijkste punt was dat eten om het experiment ging. Vulling zou men door pillen krijgen; diners moesten bijzondere ervaringen van alle zintuigen worden.

Recept
Geur, muziek, textuur, alles speelde een rol tijdens een Futuristisch diner. Behalve smaak dan, want vrijwel alle recepten in het kookboek klinken ronduit walgelijk… Dus hierbij een aantal recepten, dit keer niet om te maken (al houdt niemand u tegen), maar om een idee te krijgen van de zintuigelijke diners, die in de jaren dertig werkelijk werden gegeven.

Woorden in de Vrijheidzee
Op een zee van andijvie met stukjes ricotta vaart een halve watermeloen met een kleine kapitein aan boord, gemaakt van Nederlandse kaas, die een trage bemanning aanvoert, gevormd van kalfshersenen gekookt in melk. Een paar centimeter van de boeg staat een rotsig rif van Sienese panforte [zoetig brood uit Siena, red.]. De zee en het schip zijn besprenkeld met kaneel of rode peper.

De Kannibalen Komen in Genève
Een bord van verschillende stukken rauw vlees, waarvan de gasten afsnijden wat ze willen, en waarna ze de stukjes dippen in kleine kommetjes olie, azijn, honing, rode peper, gember, suiker, boter, saffraanrisotto of oude Barolo.

Aerofood: niet voor hongerigen
Een plak venkel, een olijf en een kumquat. Daarbij een stuk karton waarop naast elkaar een stuk fluweel, een stuk zijde en een stuk schuurpapier zijn geplakt – om tijdens het eten aan te voelen. Ondertussen komt er geur van een ventilator (liefst een vliegtuigpropeller) en spuiten obers anjergeur over de gasten, allemaal onder begeleiding van een Wagner opera.

Archeologie Magazine

Archeologie Magazine is het grootste Nederlandstalige publiekstijdschrift over archeologie.

Zes keer per jaar neemt Archeologie Magazine je op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland en vertelt boeiende, rijk geïllustreerde verhalen over opkomst, bloei en ondergang van eeuwenoude beschavingen.

Nu het eerste jaar + 2 cadeaus voor maar €19,95 bestel direct óf geef cadeau!

Het laatste nieuws op het gebied van archeologie vind je op www.archeologieonline.nl.