Niet onze ogen, maar onze vingers zijn het best in staat om een typefout op te sporen. Dat blijkt uit een grappig onderzoek dat onlangs in het blad Science is verschenen. De studie toont aan dat onze vingers typefouten – ook toen de wetenschappers deze stiekem al hadden gecorrigeerd en het brein dacht dat het geen fout gemaakt had – onthielden.

De onderzoekers verzamelden een aantal prima typisten en lieten hen 600 woorden bestaande uit vijf letters zien. De typisten kregen de opdracht om de woorden allemaal zo snel en zo correct mogelijk over te typen.

Knoeien
Wat de typisten niet wisten, was dat de onderzoekers een beetje met hun scherm knoeiden. Terwijl de typisten typten, voegden de onderzoekers zo af en toe een typefout toe die eigenlijk niet gemaakt was. Soms corrigeerden de onderzoekers soms ook een typefout die de typisten zelf nog niet gezien hadden.

Goedgelovig
Wanneer de typisten op het scherm keken, zagen ze soms fouten staan die ze eigenlijk niet gemaakt hadden. Maar hun brein ging er direct vanuit dat ze de fout wel gemaakt hadden. En als ze dachten een fout gemaakt te hebben en de onderzoekers corrigeerden die dan geloofden ze hun ogen die vertelden dat ze de fout niet hadden gemaakt. Maar de vingers waren niet zo goedgelovig, zo blijkt.

Wanneer de typisten een fout maakten en de onderzoekers corrigeerden die direct en de typisten keken op het scherm dan namen ze direct aan dat ze het toch goed gedaan hadden. Maar de vingers niet. Deze hielden een fractie van een seconde langer stil dan normaal. Maar wanneer er een fout op het scherm stond die de typisten niet zelf hadden gemaakt, hielden de vingers niet stil. Blijkbaar is ons brein veel goedgeloviger dan onze vingers, zo concluderen de onderzoekers.