2021 wordt waarschijnlijk het zevende jaar op rij waarin de wereldwijde temperatuur zo’n 1 graad Celsius hoger is dan tijdens het pre-industriële tijdperk.

De opwarming van de aarde gaat onverstoorbaar door. Dat voorspellen onderzoekers van het Engels nationaal weerkundig instituut Met Office. Uit een nieuw rapport blijkt dat ook 2021 één van de warmste jaren ooit dreigt te worden. En dus lijkt een keerpunt nog ver weg.

Verwachting
De onderzoekers verwachten dat de gemiddelde temperatuur op aarde in 2021 tussen de 0,91 graden Celsius en 1,15 graden Celsius – gemiddeld 1,03 graden Celsius – boven het pre-industriële niveau (1850-1900) zal liggen. In dat geval wordt 2021 het zevende jaar op rij dat de temperatuur op aarde met ongeveer 1 graad Celsius boven het pre-industriële niveau uittorent.

Afgelopen jaren
De reeks van warme jaren begon in 2015; het eerste jaar waarin de mondiale temperatuur 1 graad Celsius hoger lag dan tijdens de pre-industriële periode. In de jaren daarop werden records aan de lopende band verpulverd. Het ene recordbrekend warme jaar was nog maar net voorbij, of het volgende recordbrekend warme jaar diende zich aan. Ook in 2020 zet klimaatverandering – ondanks ingevoerde lockdowns door de uitbraak van het coronavirus –zijn meedogenloze opmars voort. De atmosferische concentraties van broeikasgassen bleef in 2020 onafgebroken stijgen, waardoor geschat wordt dat de gemiddelde temperatuur op aarde in 2020 ongeveer 1,2 graden Celsius boven het pre-industriële niveau (1850-1900) zal liggen.

Afbeelding: Met Office

Al met al lag de gemiddelde temperatuur in de laatste vijf jaar tussen de 1,1 en 1,2 graden Celsius hoger dan in het pre-industriële tijdperk. De wereldwijde temperatuurvoorspelling van 1,03 graden Celsius in 2021, ligt dan ook net iets lager dan wat we in sommige voorgaande jaren hebben ervaren. Dit heeft met name te maken met de invloed van de huidige La Niña. Een La Niña heeft in tegenstelling tot een El Niño een verkoelend effect op de temperatuur van de aarde. De invloed van La Niña zien we met name terug in de tropische Stille Oceaan, waar de zeetemperatuur momenteel 1 tot 2 graden Celsius onder het gemiddelde ligt. Toch moeten we niet te vroeg juichen. Want La Niña lijkt niet voldoende om de opwarming van de aarde af te remmen. “De variabiliteit van La Niña / El Niño-cyclus is de tweede belangrijkste factor bij het bepalen van de temperatuur op aarde,” legt onderzoeker Nick Dunstone uit. “Deze wordt echter simpelweg overschaduwd door de toename van broeikasgassen in de atmosfeer.”

Warmste jaar
De bevindingen wijzen erop dat ook 2021 zich in het rijtje warmste jaren ooit zal voegen. Al is het wel belangrijk om met een aantal zaken rekening te houden. Deze voorspelling is namelijk gebaseerd op de belangrijkste oorzaken van het mondiale klimaat, onvoorspelbare gebeurtenissen buiten beschouwing gelaten. Zo zou een mogelijke vulkaanuitbarsting tijdelijke afkoeling kunnen veroorzaken. Maar momenteel weten we natuurlijk nog niet wat 2021 ons gaat brengen. Daarnaast kan de temperatuurstijging in 2021 ook per plaats variëren. “De wereldwijde temperatuurvoorspelling voor 2021 is een mondiaal gemiddelde,” benadrukt onderzoeker Dough Smith. “Sommige locaties warmen echter sneller op dan andere. De temperaturen in het noordpoolgebied nemen bijvoorbeeld twee keer zo snel toe als in andere regio’s.”

Geen recordjaar
De resultaten uit het rapport duiden erop dat de opwarming van de aarde ook in 2021 onverminderd doorzet. Al zullen we het komende jaar waarschijnlijk geen recordbrekende hitte meemaken. “2021 wordt waarschijnlijk geen recordjaar vanwege de invloed van de huidige La Niña,” zegt onderzoeker Adam Scaife. “Wel zal het veel warmer zijn dan in andere eerdere jaren waarin we een La Niña zagen, zoals in 2000 en 2011.” Bovendien suggereert het rapport dat 2021 veel warmer zal zijn dan 1998; het warme jaar na de El Niño van 1997/98. “De opwarming van 0,4 graden Celsius sinds de La Niña van 2000 is in lijn met de trend van een temperatuurstijging van 0,2 graden Celsius per decennium,” concludeert Smith.

Veel wetenschappers betogen dan ook dat we nu echt in actie moeten komen. Vorig jaar nog, riepen zeker 11.000 wetenschappers de noodtoestand uit vanwege klimaatverandering. De onderzoekers zien het als hun morele verplichting om de mensheid (nogmaals) te waarschuwen voor wat – als we niet snel actie ondernemen – komen gaat. In de verklaring komen de wetenschappers bovendien met zes duidelijke maatregelen om de impact van de opwarming van de aarde te bestrijden. En dat we in staat zijn om het tij te keren, blijkt wel uit de manier waarop we momenteel wereldwijd het coronavirus proberen uit te bannen. Zo hebben we de afgelopen maanden gezien dat we – weliswaar met extreme maatregelen – in korte tijd grote, positieve veranderingen in onze leefomgeving kunnen bewerkstelligen. Zo werd de luchtkwaliteit in tal van landen veel beter, doordat mensen veel thuis werkten. En ook de CO2-uitstoot nam – weliswaar kortdurend en daarom zonder al te veel effect op het grotere plaatje – af. Het maakt duidelijk dat het – met wat toewijding en een robuust plan dat internationaal omarmd wordt – mogelijk is om de luchtkwaliteit te verbeteren en de uitstoot terug te dringen. Want tenslotte hebben we de afgelopen maanden ook gezien dat er grootse dingen mogelijk zijn wanneer mensen de handen ineenslaan.