clownvis

In de film Finding Nemo is te zien hoe de clownvis Nemo een flinke reis aflegt. Indrukwekkend, voor zo’n jonge clownvis. Nu blijkt dat er veel meer clownvissen zijn die op jonge leeftijd migreren van het ene naar het andere koraalrif, zelfs al is dit koraalrif 400 kilometer verwijderd van de geboorteplek.

Een internationaal team van onderzoekers heeft het DNA verzameld van 400 verschillende clownvissen uit twee kolonies. Deze kolonies liggen 400 kilometer uit elkaar. Uit de analyse blijkt dat zes procent van de vissen de grote oversteek heeft gemaakt.

Wist je dat…
…de cast van Finding Nemo ernstig wordt bedreigd? Maar liefst éénzesde van alle vissoorten die in de film acte de présence geven, dreigt uit te sterven.

Zeestromingen
“Dit is indrukwekkend, want wanneer de clownvissen bij een koraalrif aankomen zijn ze minder dan een centimeter lang en een paar dagen oud”, zegt onderzoeker Steve Simpson van de universiteit van Exeter. “Waarschijnlijk kunnen de larven honderden kilometer afleggen door zich te laten meevoeren met zeestromingen.”

Hybriden
De onderzoekers vonden niet alleen migranten, maar ook hybriden. Hybriden zijn clownvissen met genen van beide populaties. Dit is goed vergelijkbaar met een Brit die naar de Verenigde Staten verhuist. De Brit is in dit geval de migrant, maar de hybriden zijn de kinderen van hem en zijn Amerikaanse vrouw.

Verzuring van de oceanen
Het is opmerkelijk dat clownvissen zulke grote afstanden afleggen. Genetisch is het een slimme zet. Het nageslacht van clownvissen uit verschillende koraalriffen – de zogenoemde hybriden – zijn mogelijk beter bestand tegen klimaatveranderingen. De clownvis heeft het sowieso niet makkelijk, want verzuring van de oceanen maakt de clownvis doof. Gelukkig kunnen clownvissen hun jongen klaarstomen voor het zuurdere water, waardoor jongen minder last hebben van verzuring.