Onderzoek wijst uit dat ook beledigingen afkomstig van een robot pijn doen en van invloed zijn op ons functioneren.

Het is geen onbekende tactiek in de sport: de tegenstander met wat beledigende opmerkingen van zijn stuk brengen en zo de eigen overwinningskansen vergroten. Hoewel het behoorlijk onsportief is, kan het zeker werken; mensen zijn over het algemeen behoorlijk gevoelig voor kritiek en kunnen in reactie erop aan zichzelf gaan twijfelen of zodanig van hun stuk zijn gebracht dat ze minder goed presteren. Amerikaanse onderzoekers tonen nu aan dat niet alleen beledigende opmerkingen afkomstig van onze soortgenoten dat effect hebben. Ook denigrerende kreten afkomstig van een robot kunnen ervoor zorgen dat we behoorlijk van slag raken en minder goed gaan functioneren.

Het onderzoek
Dat blijkt uit experimenten, waarin een bij vlagen bedenkelijke rol was weggelegd voor Pepper: een humanoïde robot. Menselijke proefpersonen speelden een computerspelletje tegen deze robot. Dat spelletje speelden ze 35 keer. En terwijl het spel werd gespeeld, uitte de robot óf beledigende opmerkingen óf aanmoedigende opmerkingen.


Resultaten
Alle proefpersonen bleken naarmate ze het spel vaker gespeeld hadden, steeds beter te gaan spelen. Maar de mensen die door de robot werden aangemoedigd maakten daarbij een aanmerkelijk grotere ontwikkeling door dan de mensen die door de robot werden beledigd, met opmerkingen zoals ‘Ik moet zeggen dat je een vreselijke speler bent’ of ‘Gedurende het spel ben je steeds verwarrender gaan spelen’.

Opvallend genoeg bleken zelfs mensen die zich heel goed realiseerden dat de robot slechts een ‘domme’ machine is, zich door de robot beledigd te kunnen voelen. “Eén proefpersoon zei: ‘Ik vind het niet leuk wat de robot zegt, maar dat is de manier waarop deze geprogrammeerd is, dus ik kan de robot er de schuld niet van geven,” vertelt onderzoeker Aaron Roth.

Best uniek
Het onderzoek van Roth en collega’s is behoorlijk vernieuwend. Meestal ligt in studies omtrent de interactie tussen robots en mensen de focus op hoe mensen en robots het beste samen kunnen werken. “Dit is één van de eerste studies naar de interactie tussen mensen en robots in een omgeving waarin ze niet samenwerken,” aldus onderzoeker Fei Fang. En dat maakt het onderzoek bijzonder relevant, want het is goed je te realiseren dat lang niet alle robots dezelfde belangen hebben als hun gebruiker.


Als het aan de onderzoekers ligt, wordt er in de toekomst nog meer onderzoek gedaan naar hoe mensen op machines reageren. Zo willen ze bijvoorbeeld uitzoeken of mensen opmerkingen afkomstig van een humanoïde robot anders incasseren dan opmerkingen van een robot die er echt als een machine uitziet. Daarnaast vereist ook de nonverbale communicatie tussen mensen en robots nog meer aandacht.

Robots zijn overal
Wereldwijd wordt er hard gewerkt aan superslimme robots die ons leven op tal van manieren gemakkelijker kunnen maken. Zo zijn er al robots die je wasgoed op kunnen vouwen, jenga met je kunnen spelen, (dankzij YouTube) pannenkoeken kunnen bakken (zie filmpje hieronder), je gazon bijhouden en de weg kunnen wijzen op bijvoorbeeld luchthavens en andere onoverzichtelijke locaties.

Nu robots steeds vaker in het ‘gewone’ leven opduiken, is onderzoek naar de interactie tussen mensen en robots noodzakelijk. Maar ook onze kijk op robots wordt volop onderzocht. En telkens weer blijkt dat onze reactie en kijk op robots niet zo heel sterk verschilt van onze kijk en reactie op mensen. Zo is eerder bijvoorbeeld al gebleken dat mensen zich ook heel ongemakkelijk voelen bij het aanraken van de edele delen van een robot. En een recent onderzoek wees uit dat mensen onder bepaalde omstandigheden bereid zijn om een robot te redden, zelfs als dat een mensenleven kost.