botten

Wetenschappers hebben de botten van arbeiders die de tombes van de farao’s bouwden onderzocht. De resten laten zien dat de arbeiders hard werkten, maar ook profiteerden van het oudste gedocumenteerde, door een overheid bedacht gezondheidszorgplan.

De onderzoekers bogen zich over resten die op begraafplaatsen in een Egyptisch dorpje – dat nu aangeduid wordt als Deir el-Medina – werden teruggevonden. Het gaat om arbeiders die tussen 1292 en 1077 voor Christus werkten aan de graftombes van de farao’s van Egypte.

Osteologie
Tussen 1922 en 1951 vonden al opgravingen plaats in Deir el-Medina. Maar de lichamen van de arbeiders werden in die periode amper bestudeerd. De osteologie – een wetenschappelijk vakgebied dat botten bestudeert – stond nog in de kinderschoenen en wetenschappers lieten de stoffelijke resten van de arbeiders dan ook links liggen. Vandaag de dag kunnen we – met behulp van allerlei moderne technieken – op basis van de botten veel afleiden over het leven dat deze mensen leidden. Onderzoekers kunnen bijvoorbeeld achterhalen aan welke ziektes mensen leden, op welke leeftijd mensen stierven, enzovoort.

Gezondheidszorg
Deze arbeiders bouwden in opdracht van hun farao een graftombe. En daar stond wat tegenover. Ze kregen betaald en konden – bij ziekte of letsel – gezondheidszorg krijgen. Uit documenten weten we bijvoorbeeld dat ze in een soort kliniek hun gezondheid gratis konden laten controleren en betaald verlof kregen bij ziekte.

Zorg en stress
Wetenschappers hebben zich nu over de botten van de arbeiders gebogen en die vertellen hun eigen verhaal dat in veel gevallen keurig overeenkomt met de tienduizenden documenten die de inwoners van het dorpje – onder meer rekeningen, persoonlijke brieven, gebeden, enzovoort op klei, steen en papyrus – achterlieten. Zo getuigen de botten bijvoorbeeld van de gezondheidszorg (zie kader) die de arbeiders genoten. Tegelijkertijd laten ze ook overduidelijk sporen van stress en hard werken zien. Zo troffen de onderzoekers een mummie aan die leed aan osteomyelitis, een infectie aan de botten. De man had overduidelijk doorgewerkt terwijl deze infectie in zijn lichaam huis hield. “De resten suggereren dat hij doorwerkte terwijl de infectie zich ontwikkelde,” vertelt onderzoeker Anne Austin. “In plaats van vrij te nemen ging hij – om welke reden dan ook, door.” Uit documenten weten we dat de arbeiders recht hadden op betaald ziekteverlof. Maar deze resten suggereren dat sommige mannen zich desalniettemin gedwongen voelden om ook bij ziekte door te werken, misschien wel om de impliciete verplichting die ze tegenover de staat – waar ze zoveel aan te danken hadden – hadden, na te kunnen komen.

Lange reis
Niet alleen het werk viel de arbeiders zwaar. Ook de reis van Deir el-Medina naar de Vallei der Koningen moeten we niet onderschatten, aldus de onderzoekers. Vandaag de dag moet men voor die reis ongeveer duizend treden betreden. En dat ging de arbeiders duizenden jaren geleden ook niet in de koude kleren zitten. Met name de enkels en knieën van de arbeiders waren er doorgaans slecht aan toe. Slechter dan die van arbeiders die in andere dorpen woonden.

Voor elkaar zorgen
Ook stuitten de onderzoekers op bewijs dat niet alleen de staat voor deze arbeiders zorgden. De arbeiders zorgden ook voor elkaar. Zo troffen de onderzoekers de resten van een man aan die op negentien- of twintigjarige leeftijd overleed en geboren werd met een rechterbeen dat hij amper kon gebruiken (mogelijk door toedoen van polio). “Om in de koninklijke tombes te kunnen werken, moest hij klimmen,” vertelt Austin. De botten van de jongeman getuigen echter niet van vele klimpartijen of een hard leven. “Dat suggereert dat hij, doordat hij de belangrijkste rol in deze samenleving niet kon vervullen, een andere rol in deze samenleving heeft gevonden.”

Eén van de belangrijkste conclusies die we op basis van dit eerste grootschalige onderzoek naar de lichamen van de arbeiders van Deir el-Medina kunnen trekken, is dat het leven van de Egyptenaren in sommige opzichten niet zo heel anders was dan dat van de moderne westerlingen. “Hoe meer ik over Egypte leer, hoe meer ik denk dat de Egyptische samenleving op de moderne Amerikaanse samenleving lijkt. Dingen die we beschouwen als moderne omstandigheden – zoals gezondheidszorg en stakingen – zien we ook heel ver in het verleden al terug.”