Net als mensen blijken ratten een soortgenoot in nood niet zo snel te helpen als ook andere omstanders dat niet doen.

Ratten zijn best empathische dieren. Zien ze namelijk dat een soortgenoot in een penibele situatie verkeert, dan zullen ze gelijk in de bres springen. Ze zullen zelfs naderhand een klein stukje chocola voor het slachtoffer bewaren. Een nieuw onderzoek heeft nu echter aangetoond dat als meer ratten ter plaatse waren, het minder waarschijnlijk is dat een rat te hulp schiet. Het betekent dat ratten dus net als mensen bekend zijn met het zogenoemde ‘omstandereffect’.

Het omstandereffect
Het omstandereffect is het uitblijven van het bieden van hulp door omstanders bij een noodsituatie of een misdrijf. Zo komt het voor dat een aantal mensen toekijkt bij bijvoorbeeld een beroving of verkeersongeval zonder in te grijpen. De theorie is dat hoe groter de groep omstanders, hoe kleiner de kans dat iemand in actie komt. De oorsprong van het omstandereffect gaat terug tot 1964, toen Catherine “Kitty” Genovese werd vermoord in een drukke woonwijk in het stadsdeel Queens in New York. Naar verluidt zagen 38 omstanders de moord gebeuren, maar greep niemand in. Hoewel dit verhaal later werd ontkracht, zette het wel twee psychologen aan het denken: want waarom zouden zoveel mensen niet te hulp schieten in een noodsituatie?

In de nieuwe studie besloten onderzoekers te bestuderen of het omstandereffect ook onder ratten voorkomt. Om dit te testen, gaven de onderzoekers twee ratten een lage dosis midazolam; een rustgevend en angstremmend middel. Door dit kalmeringsmiddel waren de twee ratten minder in staat hulp te bieden. Deze twee incompetente ratten werden vervolgens in de buurt van potentiële helpende ratten geplaatst die een in de val gelopen soortgenoot tegenkwamen. Het team ontdekte dat de potentiële helpende ratten in deze situatie minder geneigd waren om het slachtoffer te helpen. Kwamen ze deze gevangen soortgenoot echter alleen tegen, dan sprongen ze wel gelijk in de bres.


Deze rat schiet zijn soortgenoot te hulp. Toch is het minder waarschijnlijk dat een rat een opgesloten metgezel helpt als hij omringd wordt door andere onbehulpzame omstanders. Afbeelding: Mason Lab

Geen hulp
Het betekent dat ratten minder snel een soortgenoot in nood redden als ze omringd worden door onbehulpzame omstanders. Tenminste, als deze situatie zich meerdere keren voordoet. “In eerste instantie probeerden de ratten wel te helpen,” legt onderzoeker Peggy Mason uit. “Maar het is geen lonende ervaring omdat de andere ratten er niet om leken te geven. Het is alsof de rat dacht: ik heb gisteren al geholpen en het kon niemand iets schelen. Dat doe ik niet meer.”

Gewillige omstanders
Anders was dit wanneer een rat het gevoel had er niet alleen voor te staan. Wanneer namelijk meerdere gewillige ratten een in de val gelopen soortgenoot tegenkwamen, dan grepen ze wel in. “In eerste instantie dacht ik dat het experiment was mislukt,” zegt onderzoeker John Havlik. “Maar nadat we meer menselijke studies erop hadden nageslagen, realiseerden we ons dat dit gedrag dat van mensen weerspiegelt.” Inderdaad, want uit analyse van bewakingsvideo’s blijkt dat groepjes omstanders in meer dan 90 procent van de gewelddelicten hulp bieden. Dit betekent dat als er meer gewillige omstanders zijn, de drempel kleiner is om in te grijpen.

Met de studie hebben de onderzoekers aangetoond dat het omstandereffect niet beperkt is tot mensen. En dat is interessant. Gedacht wordt dat het omstandereffect optreedt wanneer een individu aanneemt dat anderen waarschijnlijk beter in staat zijn tot hulp. Hierdoor vermindert het eigen verantwoordelijkheidsgevoel. Maar mogelijk is er een diepgewortelde basis voor het fenomeen, dat onder meer zoogdieren voorkomt. Het zou kunnen dat het omstandereffect bijvoorbeeld te maken heeft met cognitieve processen die verband houden met het beloningscircuit. Vervolgonderzoek zal dat moeten uitwijzen.