wally

Vissen zijn veel slimmer dan gedacht. Tot die conclusie komen onderzoekers nu ze ontdekt hebben dat zebravissen verschillende objecten tegelijkertijd visueel kunnen verwerken. De vissen zijn vervolgens in staat om één object tussen heel veel vergelijkbare objecten op te sporen.

Wij mensen doen het de hele tijd: een enorme hoeveelheid objecten tegelijkertijd visueel verwerken terwijl we zoeken naar één object. Bijvoorbeeld in de supermarkt als we tussen twintig potten pindakaas op zoek zijn naar dat ene merk pindakaas. Of wanneer we een vriend zoeken in een menigte. Of wanneer we in de beroemde zoekboeken van Martin Handford proberen om Wally te detecteren.

Intelligent
Nieuw onderzoek toont nu aan dat vissen in staat zijn om datzelfde te doen. En daarmee blijken de beestjes opnieuw een stuk intelligenter te zijn dan gedacht. Tot op heden was deze vaardigheid namelijk enkel aangetroffen bij primaten, ratten en duiven. En eigenlijk nam men aan dat vissen – met een brein dat toch wel iets anders in elkaar steekt dan dat van zoogdieren – niet in staat was om meerdere objecten tegelijkertijd te verwerken. Gedacht werd dat vissen – wanneer ze op zoek zijn naar een specifiek object – noodgedwongen alle objecten één voor één moesten bestuderen en dan maar moesten hopen dat ze een keer op het juiste object stuitten. De vissen zouden niet in staat zijn om de scène als geheel te beschouwen en zo het gezochte object op te sporen.

Onderschat de vis niet
Dit onderzoek is de tot op heden laatste studie in een lange rij onderzoeken die stuk voor stuk aantonen dat vissen veel intelligenter zijn dan gedacht. Zo toonden onderzoekers recentelijk aan dat vissen in staat zijn om minimaal tot vier te tellen en dat vissen – in tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt – een uitstekend geheugen hebben.

Experimenten
Maar experimenten met zebravissen veranderen onze kijk op de vis. Onderzoekers van de Queen Mary University verzamelden elf volwassen zebravissen en confronteerden ze met verschillende visuele prikkels. Die prikkels bestonden uit cirkels op een computerscherm. Elke cirkel had weer een andere kleur. De onderzoekers zorgden ervoor dat de zebravissen de rode cirkels gingen associëren met voedsel. Zodra de vissen die link gelegd hadden, zetten de onderzoekers de rode cirkel tussen andere cirkels om te kijken of de vissen in staat waren om deze op te sporen. De vissen bleken keer op keer in staat te zijn om de rode cirkel razendsnel te detecteren. En de tijd die ze nodig hadden om de rode cirkel te vinden, veranderde niet naarmate de onderzoekers meer afleidende cirkels toevoegen. Het bewijst dat de vissen niet elke cirkel los verwerken, maar in plaats daarvan alle objecten tegelijkertijd visueel verwerken.

Blijkbaar zijn er dus overeenkomsten tussen hoe mensen en vissen visuele informatie verwerken. En dat is goed nieuws. “De zebravis is dankzij zijn kleine brein en transparante huid een uitstekend modelorganisme om de onderliggende genetische basis voor gedrag en neurobiologie te bestuderen,” vertelt onderzoeker Matthew Parker. Nu de onderzoekers ontdekt hebben dat de vissen mentaal tot zoveel in staat zijn, ligt daar een mogelijkheid om onder meer te achterhalen welke genen ten grondslag liggen aan het concentratievermogen van de mens. En dat onderzoek kan weer leiden tot nieuwe behandelingen voor mensen met concentratieproblemen. “Zebravissen zijn genetisch gezien verrassend vergelijkbaar met mensen en ontzettend nuttig voor onderzoeken naar hoe onze genen onder meer verslaving en psychiatrische ziektes beïnvloeden.”