Uitzonderlijk hoge temperaturen en droogte lijken van het Arctisch gebied steeds vaker een regio van ijs én vuur te maken.

Satellietbeelden onthullen dat in het zuiden van Groenland, iets ten oosten van Sisimiut, een flinke brand heeft gewoed. Het lijkt erop dat deze ontstaan is nabij een hut die gelegen is aan de Arctic Circle Trail: een wandelroute die van Kangerlussuaq naar Sisimiut leidt. Aangenomen wordt dan ook dat de brand – die inmiddels door de brandweer is geblust – veroorzaakt is door een wandelaar.

Hoge temperaturen
Wat ongetwijfeld in het voordeel van deze behoorlijke brand heeft gewerkt, is dat de temperaturen in Groenland momenteel heel hoog liggen en het eiland bovendien te maken heeft met droogte. Het kaartje hieronder laat dat duidelijk zien. In het gebied waar de brand is uitgebroken, lag de temperatuur op 10 juli aanzienlijk hoger dan men hier in juli gewend is (normaliter ligt de temperatuur in deze zomermaand rond de 10 graden Celsius).


Afbeelding: NASA Earth Observatory.

Permafrost
Het ontstaan van natuurbranden lijkt dus direct gestimuleerd te worden door droogte en hoge temperaturen. Maar ook het smelten van permafrost speelt volgens sommige onderzoekers een rol. Ongeveer een derde van het oppervlak van Groenland wordt niet permanent door een ijskap bedekt. De grond in dit deel van Groenland is in de koude seizoenen bevroren en ontdooit alleen in de lente en zomer. Onder die laag grond die afhankelijk van de seizoenen ontdooit of bevroren is, bevindt zich een laag permanent bevroren grond: permafrost. Door hogere temperaturen kan ook deze laag grond echter ontdooien, waardoor er zeer koolstofrijke en brandbare veengrond bloot komt te liggen. Deze veengrond kan zelfs als deze enigszins vochtig is, gemakkelijk in brand vliegen.

De brand van 2017
Branden in Groenland zijn vrij ongebruikelijk. En toch is het zuidelijke deel van Groenland vrij recent nog opgeschrikt door een natuurbrand. Bijna twee jaar geleden spotten onderzoekers in ongeveer hetzelfde deel van Groenland een brand die uiteindelijk zo’n twee weken woedde en een ovaalvormig gebied van ongeveer vier bij twee kilometer bestreek. Naar aanleiding van die brand ging de Delftse onderzoeker Stef Lhermitte toen – met behulp van satellietbeelden – na hoe zeldzaam branden op Groenland nu precies waren. Zijn data leken voorzichtig te suggereren dat het aantal branden in Groenland toenam, maar die conclusie wilde Lhermitte niet te snel trekken; er zat te veel onzekerheid in de metingen. Het enige wat hij wel met zekerheid kon concluderen, was dat de brand die in 2017 in het zuiden van Groenland woedde de grootste natuurbrand is die ooit door satellieten op het eiland is gespot.

Alaska en Siberië
De brand in Groenland staat niet op zichzelf. Eerder deze maand maakte de Copernicus Atmosphere Monitoring Service (kortweg CAMS) bekend dat er in de afgelopen zes weken zo’n 100 intense en lang stand houdende natuurbranden in de poolcirkel zijn gespot. De grootste branden ontstonden daarbij in Alaska en Siberië. Sommige van deze natuurbranden konden zich qua omvang meten met het bekende, veel zuidelijker gelegen, eiland Lanzarote. “Het is ongebruikelijk om branden van deze omvang en duur in juni op zulke hoge breedtes aan te treffen,” stelt onderzoeker Mark Parrington. “Maar de temperaturen in het Arctisch gebied nemen veel sneller toe dan we gemiddeld wereldwijd zien en hogere temperaturen bevorderen de groei en instandhouding van branden.” Zo lagen de temperaturen in Siberië in juni bijvoorbeeld ongeveer 10 graden Celsius hoger dan we gemiddeld in dezelfde maand in de periode tussen 1981 en 2019 zagen.

CO2
De branden gaan gepaard met het vrijkomen van behoorlijk wat CO2. In de maand juni alleen brachten natuurbranden in de poolcirkel naar schatting al zo’n 50 megaton CO2 in de atmosfeer. Dat is grofweg vergelijkbaar met de jaarlijkse CO2-uitstoot van een land als Zweden en aanzienlijk meer dan er in alle juni-maanden tussen 2010 en 2018 samen door natuurbranden werd uitgestoten. En zo dragen de branden, ongeacht of ze nu zelf het directe gevolg zijn van klimaatverandering, in ieder geval een steentje bij aan de opwarming van de aarde.


Vicieuze cirkel
Maar dit is niet de enige manier waarop natuurbranden van invloed kunnen zijn op de temperatuur op aarde. Wat natuurbranden in de poolcirkel met name een reden tot zorg maakt, is dat er fijne roetdeeltjes vrijkomen die vervolgens op het zee-ijs en de ijskappen landen. Waar dit ijs eerder zonlicht reflecteerde, kan het door de donkere deeltjes meer zonlicht gaan absorberen, waardoor de temperatuur stijgt en het ijs sneller smelt. Een onderzoek naar de gevolgen van de brand die in 2017 op Groenland woedde (zie kader hierboven) heeft uitgewezen dat zich ten gevolge van die brand zo’n 7 ton roet op de Groenlandse ijskap vestigde. Een flinke hoeveelheid, maar niet groot genoeg om een significante impact te hebben op de reflectiviteit van de Groenlandse ijskap. Grotere branden of een toename van het aantal branden kunnen middels de roetdeeltjes die zij op ijs afzetten echter wél van invloed zijn op de mate waarin ijs zonlicht reflecteert en dus ook op de mate waarin het Arctisch gebied opwarmt en het ijs smelt, zo waarschuwden de onderzoekers. “Deze branden (in het Arctisch gebied, red.) zijn als de kanarie in de koolmijn,” stelde onderzoeker Andreas Stohl in 2017. Ze waarschuwen ons voor hogere temperaturen en daaruit voortvloeiende omvangrijkere smelt van het permafrost, wat weer leidt tot grotere branden, die op hun beurt weer kunnen leiden tot meer opwarming, meer smeltend permafrost en meer branden. Kortom: een vicieuze cirkel dreigt.

Nu is een brand op Groenland nog nieuwswaardig. Maar dat kan over een paar decennia dus wel eens anders zijn. Want als de aarde zo snel blijft opwarmen, lijkt het aannemelijk dat het aantal branden op Groenland en in andere Arctische gebieden ook snel zal toenemen en de gebieden in de poolcirkel niet langer enkel met ijs maar ook met vuur geassocieerd kunnen worden.