Een golfer die zich inbeeldt dat de hole groter is, scoort tijdens het putten veel beter. Dat blijkt uit wetenschappelijk onderzoek.

Onderzoeker Jessica Witt van de Purdue University liet 36 proefpersonen putten. Er waren twee holes die in grootte verschilden. Met een projector werden er cirkels rond de holes geprojecteerd. Hierdoor ontstond een optische illusie: grote cirkels creëerden de illusie dat de hole kleiner was. En kleinere cirkels deden het tegenovergestelde. Voordat de proefpersonen putten, moesten ze de hole op ware grootte tekenen, zo achterhaalden de onderzoekers hoe de proefpersonen de holes zagen.

In de hole
De mensen die dachten dat de hole groter was dan in werkelijkheid het geval was, slaagden er tien procent vaker in om de golfbal in de hole te krijgen. De resultaten zijn in lijn met eerdere studies van Witt. Hieruit bleek bijvoorbeeld dat softbalspelers de bal vaker raakten wanneer ze dachten dat deze groter was. En voetballers bleken vaker te scoren als ze dachten dat het doel breder was.

WIST U DAT…

Effect
“Meer onderzoek is nodig om dit effect beter te begrijpen,” stelt Witt. Maar ze durft al wel voorzichtig te speculeren over hoe het effect tot stand komt. “We denken dat de waargenomen toename in omvang van het doel mensen zelfverzekerder maakt over hun eigen vaardigheden.”

Topsporters kunnen daar hun voordeel mee doen. “Een toekomstig doel is om technieken te ontwikkelen die atleten helpen om hun doelen anders te zien. De effecten van zulke visuele illusies zullen dan leiden tot betere prestaties.” Het volledige onderzoek van Witt is terug te vinden in het blad Psychological Science.