De wind blaast stof van een uitgedroogd Afrikaans meer in de richting van de regenwouden in het Amazonegebied. Onderweg voedt het stof de algen in de Atlantische Oceaan en eenmaal in de VS aangekomen, bemest het de Amazone. Wetenschappers hebben nu achterhaald wat er in het stof zit.

Het grootste meer van Afrika – tegenwoordig: de Bodélé Depressie – was ongeveer net zo groot als de staat Californië en droogde zo’n 1000 jaar geleden op. Dit meer is nu verantwoordelijk voor 56 procent van al het stof dat vanuit Afrika naar de Amazone verdwijnt. Het gaat dan jaarlijks om miljoenen tonnen stof.

Wetenschappers hebben nu berekend hoeveel vruchtbaar materiaal – in de vorm van ijzer of fosfor – zich in het stof bevindt. Daaruit blijkt dat de depressie jaarlijks goed is voor 6.5 miljoen ton ijzer en 120.000 ton fosfor. De helft hiervan verdwijnt in de Atlantische Oceaan. 20 procent landt in het Amazonegebied en de rest komt in het westen van Afrika neer.

Het is voor het eerst dat onderzoekers met zekerheid kunnen vaststellen welke chemicaliën er in het stof zitten en hoe deze diverse gebieden goed doen. In de toekomst hopen wetenschappers uit te vinden hoeveel stof er nog in de Bodélé Depressie zit en hoelang dit stof het Amazonegebied nog van dienst kan zijn.

De Bodélé Depressie op beelden van NASA. Foto: Jacques Descloitres, MODIS Rapid Response Team, NASA/GSFC