Het DNA is afkomstig van 28 mensachtigen die 400.000 jaar geleden leefden. Hun resten werden in een grot in Spanje ontdekt.

De 28 individuen werden enige tijd geleden al ontdekt. In 2013 bestudeerden wetenschappers al hun mitochondriale DNA (DNA in de mitochondriën dat via de vrouwelijke lijn wordt doorgegeven). Uit dat onderzoek bleek toen dat deze individuen (in de verte) familie waren van Homo denisova (zie kader). Dat was verrassend. Want afgaand op de skeletten van de mensachtigen hadden de onderzoekers verwacht dat ze met Neanderthalers van doen hadden.

Homo denisova
Homo denisova zijn uitgestorven familieleden van de Neanderthalers die in Azië leefden. Lang was onduidelijk wanneer de lijn van deze Homo denisova zich scheidde van de lijn van de Neanderthalers. Dit onderzoek suggereert dat dat al was gebeurd toen deze 28 mensachtigen leefden.

En nu hebben onderzoekers het DNA van deze 28 mensachtigen – die tijdens het Midden-Pleistoceen leefden – opnieuw onder de loep gevonden. Dit keer richtten ze zich op het DNA in de celkernen. Een lastige klus, omdat het DNA extreem oud is en in heel korte fragmenten uiteen is gevallen. Maar het is gelukt om het DNA in kaart te brengen. En wat blijkt? Deze mensachtigen waren inderdaad vroege Neanderthalers.

Maar als dit vroege Neanderthalers waren, waarom is hun mitochondriale DNA dan zo anders dan dat van de klassieke Neanderthaler die aan het einde van het Pleistoceen leefde? Het mitochondriale DNA dat we zien bij Neanderthalers die later leefden moeten zij later in hun geschiedenis hebben verworven, mogelijk door toedoen van een migratie uit Afrika. Dat later opgedane mitochondriale DNA heeft het mitochondriale DNA dat we bij deze vroege Neanderthalers in Spanje zien waarschijnlijk vervangen, zo schrijven de onderzoekers in het blad Nature.