paard1

Als een paard mag kiezen, heeft hij dan liever een mannelijke of een vrouwelijke ruiter op de rug? Nieuw onderzoek suggereert dat het paard geen voorkeur heeft. Hij wordt net zo gestrest van mannelijke als van vrouwelijke ruiters.

Onderzoekers trekken die conclusie op basis van een experiment met acht paarden en zestien ruiters (acht mannen en acht vrouwen met vergelijkbare rijervaring). Elk paard legde twee keer een hindernisbaan af. Eén keer met een man op zijn rug. De andere keer met een vrouwelijke ruiter op de rug. De onderzoekers stelden de hoeveelheid stress bij paard en ruiter vast door speeksel af te nemen en de hartslag in de gaten te houden.

Stress
Uit het experiment blijkt dat de stress tijdens het experiment bij het paard toenam. Maar het maakte daarbij niet uit of het paard op dat moment door een man of een vrouw werd bereden. Ook de ruiters ervoeren tijdens het experiment meer stress. Maar wederom was daarbij geen verschil tussen mannen en vrouwen.

WIST JE DAT…

…het allereerste paard tijdelijk zo klein werd als een kat?

Druk
In een tweede experiment stelden de onderzoekers ook nog eens vast hoeveel druk er tijdens het rijden op de rug van het paard werd uitgeoefend. “Afhankelijk van het postuur en de positie van de ruiter kan de druk op de rug van het paard sterk variëren,” legt onderzoeker Natascha Ille uit. Uit het experiment bleek dat er minder druk op de rug stond als een vrouw plaatsnam op het paard. Dat heeft alles te maken met het feit dat vrouwen doorgaans lichter zijn dan mannen. Maar de wijze waarop de druk over de rug van het paard verspreid werd, verschilde niet van man tot vrouw.

“Aangenomen dat er geen verschil is in rijvaardigheid lijkt het vanuit het oogpunt van het paard niet uit te maken of de ruiter een man of een vrouw is,” vertelt onderzoeker Christine Aurich. “Onze resultaten wijzen erop dat het heel onwaarschijnlijk is dat paarden een voorkeur hebben voor een bepaald geslacht. En wanneer mannelijke en vrouwelijke ruiters met elkaar een competitie aangaan hebben ze allemaal even grote kansen om het goed te doen.” Het lijkt daarmee gerechtvaardigd dat binnen deze tak van sport mannen en vrouwen het direct tegen elkaar opnemen en dus niet – zoals in veel andere sporten – een eigen competitie hebben.