De missie van het Planck Observatorium zit er grotendeels op. Een deel van het observatorium heeft het begeven.

Aan boord van het observatorium bevindt zich een High Frequency Instrument (HFI) waarmee Planck resterend licht van de oerknal kan opsporen. Afgelopen zaterdag werd duidelijk dat dit instrument door zijn koelvloeistof heen is en niet meer werkt.

Over de missie

Het universum ontstond zo’n 13,7 miljard jaar geleden. Niet lang na de oerknal koelde de enorme vuurbol af en vulde deze het heelal met een helder en zichtbaar licht. Maar toen het universum zich ging uitbreiden, vervaagde dat licht en werd het steeds minder goed zichtbaar. Planck probeert de sporen van dit licht op te zoeken. En wetenschappers kunnen op basis daarvan weer meer te weten komen over de oerknal en de periode kort daarna.

Vijf keer
En dat is geen schande. Toen Planck in 2009 gelanceerd werd, was het de bedoeling dat het observatorium het heelal twee keer zou onderzoeken. Maar Planck hield het veel langer vol dan gedacht en had genoeg tijd om het heelal vijf keer onder de loep te nemen.

LFI
Hoewel het HFI niet meer zo goed werkt, is Planck nog niet helemaal ten dode opgeschreven. Aan boord van het observatorium bevindt zich nog een LFI (Low Frequency Instrument) en dat werkt nog wel. Naar verwachting zal dit instrument nog een flink deel van 2012 actief zijn en ook nog de nodige gegevens toevoegen.

Theorie
Het verzamelen van de gegevens is natuurlijk niet de grootste klus. De analyse ervan gaat nog veel meer tijd in beslag nemen. Onderzoekers gaan aan de hand van de gegevens bestaande modellen toetsen en hopen zo te achterhalen of de modellen kloppen. Naar verwachting gaan er heel wat theorieën sneuvelen. De eerste resultaten worden in het begin van 2013 verwacht. Een jaar later zouden alle gegevens moeten zijn verwerkt.

ESA is in ieder geval tevreden over het functioneren van Planck. “We zijn heel blij met hoe Planck heeft gepresteerd,” vertelt onderzoeker Alvaro Giménez. “Het was boven verwachting.”