Lang hoorden theorieën over een negende planeet in ons zonnestelsel thuis op fora voor doem- en complotdenkers. Maar daar kan op korte termijn wel eens verandering in komen!

Wereldnieuws was het eerder deze week: wetenschappers hebben sterke aanwijzingen gevonden dat ons zonnestelsel naast de bekende planeten Mercurius, Venus, aarde, Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus nóg een planeet telt. De planeet zou tien keer groter zijn dan de aarde ongeveer 500 keer zwaarder zijn dan Pluto.

De ontdekking
Wetenschappers hebben de planeet nog niet direct waargenomen. Ze leiden het bestaan van de planeet af uit het zwaartekrachtseffect dat deze op zes Kuipergordelobjecten zou hebben. De Kuipergordelobjecten hebben allemaal elliptische banen, maar volgen dezelfde richting in de fysieke ruimte. De kans dat dat toeval is, is volgens de onderzoekers slechts 0.007 procent. Maar wat veroorzaakt dan de bijzondere koers van deze objecten? Simulaties tonen aan dat er maar één passende verklaring is: een ons nu nog onbekende planeet.

De oranje baan rechts is de baan van de negende planeet: planeet X. Het kleine ringetje om de zon is de baan van Neptunus. De andere banen zijn Kuipergordelobjecten, die worden beïnvloed door planeet X.

De oranje baan rechts is de baan van de negende planeet: planeet X. Het kleine ringetje om de zon is de baan van Neptunus. De andere banen zijn Kuipergordelobjecten, die worden beïnvloed door planeet X.

De zoektocht naar planeet X
Na de ontdekking van Neptunus in 1846 gingen wetenschappers massaal op zoek naar planeet X. De banen van Uranus en Neptunus vertoonden namelijk afwijkingen die alleen verklaard konden worden door de aanwezigheid van een eventuele negende planeet. Volgens voorspellingen van William Pickering en Percival Lowell schuilde er nog een grote planeet achter de baan van Neptunus. Jaren verstreken en er werden in de negentiende eeuw tientallen voorspellingen gedaan van de omlooptijd, positie en massa van planeet X, maar zonder succes. De mysterieuze planeet werd niet gevonden.

In de twintigste eeuw haakten veel wetenschappers af. Lowell overleed in 1916, waardoor de zoektocht naar planeet X tijdelijk stopte. Een vriend zei ooit dat het feit dat Lowell de negende planeet niet kon vinden een strop voor hem was. Astronoom Clyde Tombaugh zette het levenswerk van Percival Lowell voort en begon – als een van de weinigen – te zoeken naar de negende planeet. Op 23 januari 1930 maakte Tombaugh een foto van een klein stukje hemel. Zes dagen later bracht hij dit gebied opnieuw in kaart met zijn 13 inch astrograaf. Toen hij de platen achter elkaar afspeelde, zag Tombaugh een klein wit stipje verplaatsen: Pluto.

Pluto wordt echter niet gezien als planeet X, daar deze dwergplaneet te klein is om de banen van grote planeten te beïnvloeden. In 1931 dachten wetenschappers nog dat Pluto even zwaar was als de aarde, maar na verloop van tijd daalden de schattingen. In 1978 werd de massa van Pluto vastgesteld op 0,2% van de aarde (oftewel 1/500ste van de aarde). Na 1978 is de zoektocht naar Lowells planeet X hervat, maar tot op heden zonder succes. Wel zijn er relatief grote Kuipergordelobjecten gevonden, zoals Sedna, Quaoar, Makemake en Eris.

Planeet X
Planeet X werd nooit ontdekt en nieuwe metingen van onder meer de baan van Uranus toonden aan dat er ook niks mis was met die baan en dat er dus geen Planeet X nodig was om deze te verklaren. Maar zelfs daarna bleef het idee van Planeet X zo af en toe opduiken. Bijvoorbeeld in 2012 nog, toen velen – ingegeven door de Maya-kalender – dachten dat de aarde zou vergaan en dat Planeet X daar een leidende rol in zou hebben. En nu suggereert nieuw onderzoek dus voorzichtig dat er inderdaad een onbekende planeet in ons zonnestelsel huist. De baan ervan is al voorzichtig in kaart gebracht en geen reden tot paniek. Wetenschappers zijn dan misschien een negende planeet op het spoor, het is niet de onheil brengende planeet X.

Grote afstand
Maar nu is er dan eindelijk bewijs dat er toch echt een grote planeet in de Kuipergordel schuilgaat. Dat we die planeet nog nooit eerder gespot hebben, is goed te verklaren. Vermoed wordt dat de planeet zo’n 90 miljard kilometer van ons verwijderd is. Bovendien moet een telescoop maar net op het juiste moment de ogen richten op het stukje ruimte waar de veronderstelde planeet zich op dat moment bevindt.

Slag om de arm
Het is dus zeker niet ondenkbaar dat ons zonnestelsel nog een planeet bevat. Maar tegelijkertijd moeten we een flinke slag om de arm houden. De planeet is immers nog niet gedetecteerd. In feite voorspellen de onderzoekers – op basis van modellen – dat er op grote afstand van de zon nog een planeet te vinden is. En hoe overtuigend dat bewijs ook is; het is pas zeker als we de planeet daadwerkelijk gespot hebben.

Keck en Subaru
Dat spotten van die planeet hoeft echter geen tientallen jaren meer te duren, zo vertelde onderzoeker Mike Brown eerder deze week aan Scientias.nl. “De kans is heel, heel groot dat we Planeet X gaan vinden binnen een periode van vijf jaar.” De Keck-telescopen en Subaru-telescoop zijn – op het moment dat de planeet op het verste punt van zijn baan staat, de aangewezen instrumenten om de planeet te spotten.

“De kans is heel, heel groot dat we Planeet X gaan vinden binnen een periode van vijf jaar.”

WISE
Het enthousiasme van Brown werkt aanstekelijk. Maar hoe verhoudt zijn voorspelling zich tot een onderzoek uit 2014 dat het bestaan van een grote negende planeet uitsloot? Het onderzoek – uitgevoerd met behulp van ruimtetelescoop WISE – gooit het idee van Brown niet direct aan gruzelementen. WISE sloot het bestaan van een planeet groter dan Saturnus uit, maar de planeet die Brown voor zich ziet, is kleiner. En dat is dan ook de reden dat deze in 2014 niet in gegevens van WISE is opgedoken.

Hard bewijs voor het bestaan van de negende planeet mag dan ontbreken; hard bewijs dat de planeet niet bestaat, is er tot op heden ook niet. En dus zijn het spannende tijden. We zien de wetenschap op z’n best: hypotheses ontwikkelen, toetsen en uiteindelijk bevestigen of ontkrachten.