Wij kunnen het niet zien. Maar hommels wel.

Dat planten communiceren met hun bestuivers is niets nieuws. Ze proberen hommels en bijen bijvoorbeeld te lokken met heerlijke geuren of kleurrijke bladeren. Maar daarnaast gebruiken ze ook signalen die voor ons onzichtbaar zijn, zo schrijven Britse onderzoekers in het blad eLife.

Warmtepatronen op klaprozen. Afbeelding: University of Bristol.

Warmtepatronen
De onderzoekers bestudeerden verschillende soorten planten en ontdekten dat op de bladeren van het overgrote deel complexe warmtepatronen te vinden zijn. Deze warmtepatronen echoën als het ware de kleurrijke patronen die wij mensen kunnen zien. Gemiddeld bleken de warmtepatronen zo’n 4 tot 5 graden Celsius warmer te zijn dan de rest van de plant. Maar soms waren ze tot wel 11 graden Celsius warmer, zo schrijven de onderzoekers.

Hommels
De wetenschappers tonen in hun studie ook aan dat hommels zich door deze warmtepatronen laten leiden. Ze maakten daartoe enkele kunstmatige bloemen die wél een warmtepatroon, maar geen daarmee overeenkomstig kleurenpatroon hadden. Hoewel die bloemen er voor ons mensen allemaal hetzelfde uit zagen, waren ze in de ogen van hommels duidelijk verschillend en zij bleken de warmtepatronen te gebruiken om onderscheid te maken tussen bloemen en het lekkers dat deze te bieden hadden.

De ontdekking heeft onderzoeker Heather Whitney aan het denken gezet. Zo maakt ze zich in toenemende mate zorgen over de impact die klimaatverandering op de relatie tussen bloemen en hun bestuivers heeft. “Klimaatverandering kan een aanvullende en tot voor kort onverwachte impact hebben op de interactie tussen bijen en bloemen door deze verborgen warmtepatronen te verstoren.”