De Amerikaanse luchtmacht werkt op dit moment aan een gloednieuwe radar die ruimteafval op moet sporen. De radar is in staat om zelfs afval met een diameter van 2,5 centimeter waar te nemen en moet voorkomen dat de rotzooi in de ruimte met nog goed functionerende apparatuur in botsing komt. Dat is een hele klus: het gaat naar verwachting om bijna 80.000 brokstukken.

Het nieuwe systeem gebruikt radars en computers om het puin op te sporen. En ook de kruimeltjes zijn van belang. Deze hebben namelijk een snelheid van zo’n 28.000 kilometer per uur en kunnen dus – ondanks dat ze zo klein zijn – flink wat schade aanrichten.

Ongelukje
Door een ongelukje in 2009 bevindt zich in de baan rondom de aarde waarin vele satellieten draaien uitzonderlijk veel klein ruimteafval. Een satelliet botste er twee jaar geleden op een satelliet die al jaren uit de running was (en eigenlijk dus gewoon één brok afval vormde). Dat leverde zo’n 3000 piepkleine stukjes afval op. Het schudde de exploitanten van satellieten wakker. Puin werd plotseling gevaarlijk en dus moest er iets gebeuren.

Oud
Dat wil overigens niet zeggen dat het ruimteafval helemaal vergeten werd: de eerste radar werd al in 1961 gebouwd. Het apparaat is nog steeds actief en spoorde zo’n 22.000 stukjes afval op. Maar de radar heeft zijn beste tijd wel gehad en kan bovendien de kleinste stukjes puin niet waarnemen. Het nieuwe systeem gaat dus net een stapje verder. Naar verwachting vindt deze radar in de komende jaren nog eens zo’n 80.000 brokstukken.

De nieuwe radar bevindt zich nog in de ontwerpfase. Naar verwachting is het apparaat in 2015 klaar voor gebruik.