exomaan

We hebben al meer dan duizend exoplaneten ontdekt. Maar exomanen: dat wil maar niet lukken. Maar misschien komt daar verandering in als we op zoek gaan naar radiogolven, veroorzaakt door de interactie tussen exoplaneten en exomanen.

Texaanse onderzoekers kwamen op dat idee toen ze radiogolven bestudeerden die tot stand komen door de interactie tussen het magnetisch veld van Jupiter en de ionosfeer van de maan Io. “Dit is een hele nieuwe manier van kijken,” vertelt onderzoeker Zdzislaw Musielak. “We zeiden: ‘Wat als dit mechanisme ook buiten ons zonnestelsel speelt?’ Vervolgens voerden we de berekeningen uit en zij laten zien dat als er stersystemen met manen zijn, we die manen op deze manier kunnen ontdekken.”

Het belang van exomanen
Wetenschappers kijken reikhalzend uit naar het moment waarop ze een exomaan vinden. Exomanen – manen die cirkelen rond planeten buiten ons zonnestelsel – worden gezien als goede kandidaten voor buitenaards leven. “De meeste gedetecteerde exoplaneten zijn gasreuzen en velen daarvan bevinden zich in de leefbare zone,” vertelt onderzoeker Suman Satyal. “Op deze gasreuzen is leven onmogelijk, maar men neemt aan dat exomanen die rond deze planeten cirkelen wel leefbaar kunnen zijn.”

Opsporen
Maar het opsporen van deze exomanen is lastig gebleken. Exoplaneten sporen we momenteel op door naar sterren te turen. Wanneer het licht van die ster met enige regelmaat gedimd wordt, mogen we aannemen dat een planeet die met enige regelmaat voor de ster langs beweegt daarvoor verantwoordelijk is. Maar het is niet mogelijk om op basis van deze waarnemingen ook te concluderen of die exoplaneet over een exomaan beschikt.

Vulkanische activiteit is niet nodig
Door te zoeken naar specifieke radiogolven kunnen we die conclusie wellicht wel trekken. Voorwaarde is wel dat die exomaan een ionosfeer heeft. In het geval van Io is die ionosfeer het resultaat van vulkanische activiteit op de maan. Maar volgens de onderzoekers kan een maan ook over een ionosfeer beschikken als er geen sprake is van vulkanische activiteit. “Grotere manen – zoals Saturnus’ grootste maan Titan – hebben een dikke atmosfeer en dat kan betekenen dat deze ook een ionosfeer hebben,” vertelt onderzoeker Joaquin Noyola. “Dus vulkanische activiteit is geen vereiste.”

De onderzoekers komen in hun paper zelfs al met twee namen van exoplaneten. Rond deze exoplaneten zouden we – met behulp van dit paper – wellicht exomanen kunnen opsporen. Ze noemen Gliese 876b (zo’n vijftien lichtjaar van de aarde verwijderd) en Epsilon Eridani b (zo’n 10,5 lichtjaar van de aarde verwijderd). Met de huidige telescopen zou het mogelijk moeten zijn om eventuele radiogolven veroorzaakt door de aanwezigheid van een exomaan op te sporen.