Metingen van Voyager wijzen erop dat het bubbelt aan de rand van ons zonnestelsel. Enorme magnetische bellen zorgen voor die onrust.

Voyager vertrok in 1977 en is inmiddels zo’n 14 miljard kilometer verder. De sonde nadert de rand van ons zonnestelsel. En dat levert een hoop nuttige informatie op. Zo komen wetenschappers nu eindelijk te weten wat er gebeurt als de materie die de zon uitstoot in botsing komt met de interstellaire ruimte.

Noordpool
Voyager heeft dus magnetische bellen ontdekt. Maar hoe ontstaan die bellen? Net als de aarde heeft de zon een noord- en zuidpool. Maar de zon draait ook. En daardoor kunnen magnetische lijnen met elkaar in de knoop raken en verkreukelen. Als zo’n lijn echt in het gedrang komt, kunnen delen van het magnetisch veld zomaar losraken en losse magnetische bellen vormen.

WIST U DAT…

…het prille zonnestelsel veel weg had van een flipperkast?

Gigantisch
En die bellen zijn gigantisch. Ze kunnen wel 160 miljoen kilometer breed zijn. Ter vergelijking: dat is ongeveer de afstand tussen de zon en de aarde.

Voor wetenschappers komt de ontdekking van de bellen als een echte verrassing. Welke gevolgen de ontdekking heeft, is onduidelijk. De magnetische bellen bevinden zich op de scheidslijn van het zonnestelsel en de rest van de Melkweg. Alles wat het zonnestelsel binnen wil dringen, moet via de bellen gaan. Zo dringt er bijvoorbeeld kosmische straling ons zonnestelsel binnen. De magnetische bubbels lijken onze eerste verdedigingslinie tegen kosmische straling, zo stellen de onderzoekers. Of dat goed of slecht is, is onduidelijk. Zo kan de straling wellicht gemakkelijk door de bubbels heendringen of raakt deze juist gevangen in de bubbels. Nader onderzoek moet dat – en nog veel meer – uitwijzen.

Bovenstaande afbeelding is een artistieke impressie van de situatie. Afbeelding: NASA / Goddard Space Flight Center / CI Lab.