narcisme

De economische crisis heeft een verrassende bijwerking: minder narcisten. Nieuw onderzoek toont aan dat mensen die volwassen worden in tijden van economische problemen een kleinere kans hebben om uit te groeien tot een narcist.

Narcisten zien zichzelf als uniek. Alle goede dingen die hen overkomen, hebben ze in hun optiek aan zichzelf te danken. Ze vinden zich speciaal en geweldig. Onderzoeker Emily Bianchi – verbonden aan Emory University – vroeg zich af of het voor mensen die opgroeien in tijden van economische crisis lastiger is om uit te groeien tot een narcist. Ze besloot het uit te zoeken.

Narcisme
Ze bestudeerde de gegevens van 1500 Amerikanen die tussen de achttien en 25 jaar oud waren. Door te kijken naar de werkloosheidscijfers binnen deze groep identificeerde Bianchi de economisch gezien slechtste tijden. Vervolgens keek ze hoe de proefpersonen die in die periode volwassen waren geworden scoorden op een narcisme-schaal die van één tot veertig liep. De proefpersonen die op het hoogtepunt van de economische crisis volwassen werden, scoorden gemiddeld 2,35 punten lager op de narcisme-schaal dan de proefpersonen die economisch gezien op het best mogelijke moment volwassen werden. Het verband tussen de economische omstandigheden en mate van narcisme bleef zelfs overeind nadat de onderzoekers rekening hadden gehouden met andere factoren die invloed hebben op de mate van narcisme, denk bijvoorbeeld aan geslacht en opleiding.

Bestuursvoorzitters
Een tweede onderzoek onderschrijft deze resultaten. Bianchi keek tijdens dit onderzoek naar de salarissen van 2000 bestuursvoorzitters. Uit eerdere studies was gebleken dat narcistische bestuursvoorzitters zichzelf een hoger salaris geven dan andere bestuursleden, omdat ze geloven dat zij uniek zijn, een unieke bijdrage leveren aan het bestuur en dus een hoger salaris verdienen. Bestuursvoorzitters die op het dieptepunt van de crisis volwassen waren geworden, bleken zichzelf ten opzichte van andere bestuursleden minder geld toe te schrijven dan de bestuursvoorzitters die in betere tijden volwassen waren geworden. Dat verband bleef zelfs overeind nadat de onderzoekers rekening hielden met onder meer de leeftijd en het geslacht van de bestuursvoorzitter en de inkomsten van het bedrijf waarvoor deze werkte. “Deze resultaten suggereren dat economische omstandigheden in de tijd waarin mensen gevormd worden niet alleen invloed hebben op hoe ze over geld en politiek denken, maar ook op hoe ze over zichzelf en hun mate van belangrijkheid ten opzichte van anderen, denken,” stelt Bianchi.

De laatste decennia uiten steeds meer mensen hun zorgen over jongvolwassenen die sterk met zichzelf en hun eigen belangen bezig zijn. “Deze nieuwe resultaten suggereren dat dat deels te wijten is aan de ongelofelijke voorspoed die we sinds het midden van de jaren tachtig doormaken. Als dat het geval is, kan de recessie wel eens resulteren in minder op zichzelf gerichte jongvolwassenen.”