Tussen 1 januari en 31 augustus kwam er door branden in het Noordpoolgebied al meer CO2 vrij dan in heel 2019.

Dat hebben onderzoekers van de Copernicus Atmosfeermonitoringsdienst bekend gemaakt. Ze baseren zich op satellietobservaties.

Schatting van CO2-uitstoot
Met behulp van satellieten is het mogelijk om branden – ook in afgelegen gebieden – langdurig te monitoren. Zo kan op basis van satellietdata niet alleen worden vastgesteld waar branden woeden, maar ook hoe intens ze zijn. En op basis daarvan kan weer een inschatting worden gemaakt van de hoeveelheid CO2 die tijdens de branden vrijkomt.


Het onderzoek wijst uit dat er toedoen van branden in het Noordpoolgebied tussen 1 januari en 31 januari naar schatting 244 megaton CO2 vrij is gekomen. Ter vergelijking: over heel 2019 waren branden in hetzelfde gebied verantwoordelijk voor de uitstoot van zo’n 181 megaton CO2.

Sakha Republiek
Satellieten onthullen dat met name in de Sakha Republiek aanzienlijk meer brandactiviteit is dit jaar. In de autonome republiek binnen de Russische Federatie verwoestten branden miljoenen hectare land. Het leidt tot een flinke piek in CO2-uitstoot: van 208 megaton in 2019 naar 395 megaton in 2020. Hoe de branden precies zijn ontstaan, is niet helemaal duidelijk, maar aangenomen wordt dat in ieder geval een aantal van de branden die vroeg in het seizoen zijn gespot, veroorzaakt is door zogenoemde ‘zombiebranden’. Dat zijn eigenlijk branden van het jaar ervoor die in de wintermaanden ondergronds hebben gesmeuld en vroeg in het zomerseizoen weer oplaaiden.

Bliksem
Naast zombiebranden zijn er in het Noordpoolgebied ook verscheidene branden die vermoedelijk door blikseminslag zijn ontstaan. Aangenomen wordt dat onweersbuien het Noordpoolgebied – doordat het klimaat verandert – steeds vaker zullen teisteren en de kans op branden dus ook in dat opzicht alleen maar toeneemt.

Afgaand op de satellietdata lijkt het brandseizoen in het Noordpoolgebied eind juli of begin augustus zijn piek te hebben bereikt. Maar dat wil niet zeggen dat het helemaal voorbij is; in de Sakha Republiek woeden nog steeds intense branden. Hetzelfde geldt voor het Autonome District van Tsjoekotka, eveneens in Rusland gelegen.


Zorgwekkend
De laatste jaren zijn grote branden in het Noordpoolgebied een grote reden van zorg. In toenemende mate zien onderzoekers in het gebied grote branden ontstaan. Aangenomen wordt dat de toename te herleiden is naar droogte en hogere temperaturen en dus een direct gevolg is van het veranderend klimaat. “Als de omgeving droger en warmer wordt, schept het de ideale omstandigheden voor branden om zichzelf te kunnen blijven voeden,” zo vertelde Parrington eerder dit jaar in reactie op grote branden in Siberië aan Scientias.nl. “Overal waar de branden ontstaan en blijven woeden, hebben we een toenemende droogte in de grond, geconstateerd. Drogere gronden en fellere branden hebben we de afgelopen jaren steeds hand in hand zien gaan. En als die omstandigheden in 2021 niet veranderen, zullen we volgend jaar vermoedelijk weer een toename waarnemen in Noordpoolbranden.”

Opwarming
Dat de grote branden catastrofaal zijn voor het gebied waarin ze woeden, is duidelijk. Maar mogelijk reiken de gevolgen nog veel verder. Zo kunnen de branden de opwarming van de aarde een extra impuls geven. Niet alleen doordat er meer CO2 vrijkomt, maar ook doordat er grote hoeveelheden roet en as ontstaan. Als die neerslaan op het (zee-)ijs, kan dat leiden tot een verdere stijging van de temperaturen in het reeds snel opwarmende noordpoolgebied. Want waar wit ijs zonlicht reflecteert, neemt met roet bedekt ijs dat zonlicht (en de warmte) juist op, waardoor het lokaal warmer wordt.

Er dreigt zo een vicieuze cirkel te ontstaan, waarbij een veranderend klimaat leidt tot omstandigheden waardoor hoog in het noorden gemakkelijker branden ontstaan en de branden vervolgens weer bijdragen aan een verdere klimaatverandering. Het zijn zorgwekkende omstandigheden, die onderzoekers voldoende reden geven om de situatie nauwlettend in de gaten te houden. “Onze monitoring is cruciaal om te begrijpen wat de impact is van de schaal en intensiteit van deze bosbranden op de luchtvervuiling in de atmosfeer,” aldus Parrington.