Onderzoekers gingen er altijd vanuit dat de resistente bacterie vanzelf weer zou verdwijnen, maar onderzoek laat iets anders zien.

In theorie hadden wetenschappers het al helemaal uitgedokterd. We moesten minder antibiotica gaan gebruiken. Dan zouden de bacteriën die resistent zijn voor antibiotica vanzelf het loodje leggen. Die resistentie komt namelijk voort uit een genetische aanpassing. En zo’n aanpassing kost een hoop energie. Zolang er antibiotica is, winnen de resistente bacteriën het van de gewone bacteriën. Maar als de antibiotica verdwijnt, verliezen ze het. Want hun overbodige aanpassing blijft een hoop energie kosten en maakt de bacteriën zwakker dan hun ‘gewone’soortgenoten. Gevolg: de bacteriën die de aanpassing nooit gemaakt hebben, winnen het van de bacteriën met de overbodige aanpassing en de laatstgenoemden verdwijnen.

Nee
Maar werkt het zo ook in de praktijk? Experimenten wijzen uit van van niet.

WIST U DAT…

…bacteriën sneller resistent worden als ze aan weinig antibiotica worden blootgesteld?

Experiment
De onderzoekers verzamelden tien stammen van de E.coli-bacterie. De stammen waren nog niet resistent voor antibiotica, maar hadden al wel de genen in huis die nodig waren om resistent te worden. De bacteriën ontwikkelden resistentie en vervolgens brachten de onderzoekers deze in contact met bacteriën die niet resistent waren. En dat leverde opvallende resultaten op: zelfs als er geen antibiotica in de buurt was, wonnen vijf van de vijftig resistente stammen het van de gewone bacteriën.

Hoe het kan dat de resistente bacteriën in de praktijk in het voordeel blijven, is onduidelijk. Wel geeft het het debat omtrent antibiotica een nieuwe wending. Sommige onderzoekers stellen op basis van dit onderzoek dat vooral antibiotica moeten worden gebruikt die de bacteriën het sterkst beschadigen. Anderen stellen dat het geheel afschaffen van antibiotica de prioriteit heeft.