In Rhenen kun je binnenkort de reuzenpanda met eigen ogen bewonderen. Maar wie is daar nu eigenlijk het meest bij gebaat?

In het Ouwehands dierenpark is het feest vandaag. Na een lobby van meer dan tien jaar leveren de Chinezen vandaag dan eindelijk twee reuzenpanda’s af: Xing Ya en Wu Wen. De Nederlandse dierentuin ‘least’ de reuzenpanda’s – een mannetje en een vrouwtje – voor een periode van zo’n vijftien jaar. De komst van de panda’s gaat de dierentuin waarschijnlijk geen windeieren leggen: velen zullen naar verwachting naar Rhenen afreizen om de reuzenpanda’s met eigen ogen te zien.

Over de reuzenpanda

Wanneer een reuzenpanda (Ailuropoda melanoleuca) het daglicht ziet, weegt hij slechts 100 gram. Eenmaal volwassen weegt een reuzenpanda tussen de 60 en 125 kilo. In gevangenschap kan de panda zelfs 180 kilo wegen. Met een lengte van 1,6 tot 1,8 meter is het een flinke jongen. Dat grote lijf onderhoudt de reuzenpanda door zo’n tien tot twaalf uur per dag te eten: voornamelijk bamboe, dat hij slecht verteren kan. Reuzenpanda’s zijn solitaire dieren die elkaar alleen in de periode dat het vrouwtje vruchtbaar is (zo’n 2 tot 7 dagen per jaar) opzoeken. Reuzenpanda’s kunnen in het wild zo’n 15 jaar oud worden. In gevangenschap kunnen ze hogere leeftijden (tot wel 30 jaar) bereiken. Vandaag de dag treffen we de reuzenpanda alleen nog in China aan. Reuzenpanda’s zijn daar voornamelijk te vinden in hogergelegen bamboebossen. Daar leven – volgens de laatste schatting – nog zo’n 1864 exemplaren in het wild. De kleine populatie staat op de Rode Lijst van het IUCN dan ook te boek als ‘kwetsbaar’.

Koddig imago
Dat mensen zo gefascineerd zijn door de reuzenpanda is niet zo gek. Maar weinig dierentuinen herbergen de soort. En dan heeft de reuzenpanda natuurlijk ook zijn uiterlijk nog mee. “Ze lijken heel aaibaar,” stelt Christiaan van der Hoeven, als gedragsbioloog en panda-deskundige werkzaam bij het Wereld Natuur Fonds (WNF). “En dankzij hun ronde kop lijken ze heel vriendelijk. Ook die grappige filmpjes die je online kunt vinden werken mee aan hun koddige imago.”

In het wild
Als bioloog is Van der Hoeven niet zo onder de indruk van de ‘koddigheid der panda’s’. Veel interessanter vindt hij hun gedrag. En dat komt natuurlijk met name in het wild goed uit de verf. Maar een panda in het wild spotten: dat valt niet mee. Dat komt onder meer omdat het Einzelgängers zijn. “Panda’s zijn solitaire dieren. Alleen in de paartijd zoeken ze elkaar actief op.” Dat is dan ook de beste tijd om naar panda’s op zoek te gaan. “Vrouwtjes plaatsen dan hun geurvlag hoog in een boom, waarna deze verwaait. Mannetjes vangen die geur op en haasten zich naar het vrouwtje. Eenmaal bij haar aangekomen gaan ze knokken en brullen.” Van der Hoeven weet waar hij het over heeft. Hij zag het vorig jaar namelijk voor zijn eigen ogen gebeuren. Het was de eerste – en tot op heden enige – keer dat hij de reuzenpanda in het wild zag. Een gebeurtenis die hem zeker niet in de koude kleren is gaan zitten. “Ik wist behoorlijk veel van de reuzenpanda,” vertelt hij in alle bescheidenheid. “Ik had ze op tv gezien. En ook een keer in gevangenschap in China, maar dan zitten die panda’s wat op bamboe te knabbelen of liggen ze te slapen, dat is niet zo boeiend. Maar als je om vier uur uit je bed wordt gehaald en door de bossen klautert en vervolgens luid gebrul hoort van mannetjes die afkomen op een vruchtbaar vrouwtje: ja, dan gaat je hart sneller kloppen. Dit is hoe de panda’s leven. Dit is hoe het hoort te zijn.”

In de dierentuin
Slechts weinigen hebben het voorrecht om panda’s in het wild te aanschouwen. Maar wie ze toch eens met eigen ogen wil zien, kan binnenkort dus in het Ouwehands Dierenpark terecht. De afgelopen jaren is er hard gewerkt aan een een 3400 m2 groot verblijf voor de panda’s. Xing Ya en Wu Wen hebben straks de beschikking over een eigen buiten- en binnenverblijf en meerdere nachtverblijven. Ook is er een enorme koelcel voor de opslag van bamboe gemaakt en hebben de panda’s hun eigen kliniek en – mocht er op een gegeven moment heuglijk nieuws zijn – een kraamkamer. Met de bouw van het ‘Pandasia’ – waar het verblijf van de reuzenpanda’s deel van uitmaakt – is zo’n zeven miljoen gemoeid. En per jaar zal het Ouwehands meerdere miljoenen kwijt zijn aan haar ‘lease-panda’s’. Het zijn enorme bedragen. Kunnen we dat geld niet beter besteden? Bijvoorbeeld aan het herstel van het leefgebied van de reuzenpanda? “Daar ben ik het helemaal mee eens,” stelt Van der Hoeven. “Maar het mooie is dat dat ook gebeurt.” Een groot deel van de kosten die Ouwehands straks op jaarbasis maakt, zit ‘m namelijk in het ‘leasebedrag’. “Per jaar draagt de dierentuin één miljoen af aan de Chinezen. En zo’n 70 tot 80 procent van dat geld wordt gebruikt om de panda in het wild te beschermen. Met het geld worden bijvoorbeeld rangerstations gebouwd en boswachters betaald.”

De uitdagingen van de panda
Dat is geen overbodige luxe. Want de reuzenpanda heeft het moeilijk. Dat komt met name doordat het leefgebied van het dier – dat momenteel alleen nog in China in het wild voorkomt – enorm versnipperd is. “Door de aanleg van infrastructuur, zoals dammen en wegen, maar ook door de landbouw,” vertelt Van der Hoeven. Hierdoor is het voor de panda’s heel lastig geworden om van het ene naar het andere bamboebos te trekken. En die trektocht is van cruciaal belang voor het vinden van een partner die geen directe familie is. Ook kan zo’n trektocht noodzakelijk zijn als de bamboestruiken in het bos waar een panda leeft en masse doodgaan (iets wat één bepaalde bamboesoort elke 30 tot 80 jaar overkomt).

“De lease-panda’s zijn eigenlijk een heel gemakkelijke manier om geld binnen te halen voor de wilde panda’s. Het is een heel slim concept”

Het slimme concept van de Chinese overheid
Het betekent heel concreet dat de panda en zijn leefgebied bescherming nodig hebben. De Chinese overheid liet dat lang over aan dierenorganisaties. Maar dat is veranderd. “Vroeger betaalde het WNF voor de bescherming van de panda, maar in de loop der jaren heeft de overheid dat overgenomen.” Maar natuurlijk kost het beschermen van de panda en het herstel van het leefgebied van de panda geld. “En dat geld haalt de Chinese overheid voor een deel uit de panda’s die deze wereldwijd uitleent. Zo is een gestage inkomstenstroom ontstaan.” Hoeveel de Chinezen aan die lease-contracten overhouden, weet Van der Hoeven niet. “Maar ik denk dat het grootste deel van de kosten die de bescherming van de panda met zich meebrengt, gedekt worden door de lease-panda’s. Zij zijn eigenlijk een gemakkelijke manier om geld binnen te halen voor de wilde panda’s. Het is een heel slim concept.” Daar valt weinig op af te dingen. Maar ondertussen worden Chinese panda’s wel van de ene uithoek van de aarde naar de andere uithoek gesleept om vervolgens ver van hun oorspronkelijke leefgebied tentoongesteld te worden. Is het met het oog op het dierenwelzijn ook zo’n ‘slim concept’? Van der Hoeven: “Daar doe ik liever geen uitspraken over.”

Ambassadeurs
Een veelgehoord argument vóór het houden van bijvoorbeeld reuzenpanda’s in dierentuinen is dat zij ambassadeurs zijn van hun soort. Door de reuzenpanda aan het publiek te tonen, zou het publiek zich het lot van de wilde soortgenoten meer aantrekken. Maar zouden Xing Ya en Wu Wen werkelijk iets in Nederland los kunnen maken dat straks door hun wilde soortgenoten in China gevoeld wordt? “Ik hoop het,” stelt Van der Hoeven voorzichtig.

Jongen
Terwijl bezoekers zich de komende maanden verdringen rond Xing Ya en Wu Wen droomt het Ouwehands Dierenpark van meer: een romance tussen de twee reuzenpanda’s die eindigt in de kraamkamer. Of die droom werkelijkheid wordt, is koffiedik kijken. “Het is heel lastig om de natuurlijke situatie in gevangenschap na te bootsen,” stelt Van der Hoeven. Waar vrouwtjes in het wild vaak kunnen kiezen tussen meerdere partners, is dat in het Ouwehands heel anders. “Een vrouwtje wordt in één hok geplaatst met een mannetje en daar moet ze het mee doen.” Mochten de twee reuzenpanda’s toch verliefd worden en één of meer jongen krijgen, dan blijven die Chinees eigendom en keren ze na vier jaar terug naar China. Uitzetten in het wild is dan geen optie meer. Dus ook die jongen zullen hun leven in gevangenschap doorbrengen. “Er zijn maar een paar fokcentra die specifiek reuzenpanda’s fokken om uit te zetten,” stelt Van der Hoeven. Die fokcentra bevinden zich in China en hebben slechts beperkt succes. “Er zijn zes reuzenpanda’s uitgezet, waarvan er drie in het wild zijn overleden, bijvoorbeeld door een ongeluk of omdat ze door andere panda’s zijn doodgebeten.”

Foto: Jballeis (via Wikimedia Commons)

Rooskleurig
Ondanks de tegenslagen waar de fokprogramma’s mee te maken hebben, ziet Van der Hoeven de toekomst van de reuzenpanda rooskleurig in. “De Chinese overheid doet erg haar best,” vindt hij. Zo wordt er hard gewerkt aan het herstel van het leefgebied en verbindingen tussen versnipperde delen van dat leefgebied. En dat werpt zijn vruchten af. “Het gaat beter met de reuzenpanda.” De laatste telling (2015) kwam uit op 1864 wilde exemplaren. Dat zijn er meer dan tien jaar geleden. Maar we zijn er nog niet. “Deze soort heeft altijd aandacht en geld nodig.” Sommige onderzoekers vinden dat een reden om de handdoek in de ring te gooien. Maar daar wil Van der Hoeven niets van weten. “De reuzenpanda verdwijnt door onze invloed. Dan kunnen we toch niet toe gaan staan kijken terwijl dat gebeurt?”

Of het Nederlandse volk daar ook meer van doordrongen raakt als de reuzenpanda’s voet op Nederlandse bodem zetten? De tijd zal het leren. Van der Hoeven staat zelf in ieder geval niet te springen om naar Rhenen af te reizen. “Ik heb er zelf niet zoveel behoefte aan, maar ik denk dat mijn kinderen wel heel graag willen gaan.” Dat het voor Van der Hoeven niet per se hoeft, is opnieuw terug te leiden naar 2016, het jaar waarin hij de panda voor het eerst in het wild zag. “Daar kan simpelweg niets tegenop.”