Kunnen robots een negatieve invloed hebben op onze kinderen? Nieuw onderzoek suggereert van wel.

Wat als een robot tegen je zegt wat je moet doen, zou je dan luisteren? Uit een nieuwe studie blijkt dat volwassenen zich niet zoveel aantrekken van de mening van een robot. Echter blijkt dat kinderen veel gevoeliger zijn voor wat een robot te zeggen heeft.

Sociale robots

Dit is niet de enige studie van de onderzoekers waarin ze uitdokteren hoe robots een positieve bijdrage kunnen leveren in bijvoorbeeld de gezondheidszorg en het onderwijs. Zo bleek eerder al dat sociale robots kinderen met diabetes kunnen helpen de aard van de aandoening te accepteren. Daarnaast zijn de onderzoekers ook bezig om een robot te ontwikkelen die kleuters kan helpen om een tweede taal te leren.

Asch-paradigma
Het onderzoek maakte gebruik van de overeenstemmingsexperimenten van Asch. Deze werden ontwikkeld in de jaren vijftig. In de experimenten moesten mensen lijnstukken van verschillende lengtes beoordelen. Zo werden er vier lijnen getoond en moesten de proefpersonen aanwijzen welke qua lengte overeenkwamen. Wanneer iemand deze taak alleen deed, ging het bijna nooit fout. Maar wanneer iemand het experiment met meerdere personen moest uitvoeren, bleek dat deze persoon vaak de neiging had om de mening van anderen te volgen.

Kinderen
En kinderen blijken hier in een experiment met robots veel gevoeliger voor te zijn dan volwassenen. Zo blijkt dat de kinderen tussen de zeven en de negen jaar oud eerder dezelfde antwoorden gaven als de robots, ook al waren de antwoorden duidelijk onjuist. Wanneer de kinderen alleen in de kamer waren en het experiment uitvoerden, gaven ze in 87 procent van de gevallen het juiste antwoord. Maar wanneer er robots meededen, daalde hun score naar 75 procent. En van deze verkeerde antwoorden bleek 74 procent overeen te komen met die van de robot.

Robots
Volgens de onderzoekers geeft de studie ons een interessant inzicht in hoe robots op een positieve manier in onze samenleving gebruikt kunnen worden. Echter is er ook enige bezorgdheid over hoe robots een negatieve invloed uit kunnen oefenen op kwetsbare jonge kinderen. “De resultaten laten zien dat volwassenen niet echt luisteren naar wat de robots zeggen. Maar de kinderen doen dit wel,” zegt onderzoeker Tony Belpaeme. “Het laat zien dat kinderen meer affiniteit hebben met robots dan volwassenen. Dit leidt tot een interessante vraag. Wat als robots bijvoorbeeld bepaalde producten aanprijzen, of ons vertellen wat we moeten denken?”

Waarschijnlijk is een toekomst waarin autonome sociale robots gebruikt worden als hulpmiddelen voor onderwijzers of kindertherapeuten niet ver weg. In deze toepassingen heeft de robot een positie waarin de dingen die hij zegt, aanzienlijk de ander kan beïnvloeden. “Daarom rijst de vraag of er beschermende maatregelen nodig zijn, bijvoorbeeld in een regelgevend kader,” schrijven de onderzoekers. “Dit kan het risico voor kinderen tijdens de interactie met robots verminderen. Daarnaast wordt er voorkomen dat dit de veelbelovende ontwikkelingen in de weg staat.”