Onderzoek wijst uit dat rokers derdehands rook met zich meedragen en zo anderen ook in rookvrije ruimtes kunnen blootstellen aan de nadelige effecten ervan.

Mensen kunnen op verschillende manieren aan sigarettenrook worden blootgesteld. Zo kunnen ze het als rokers zelf inademen. Daarnaast is er ook nog tweedehands rook, waarbij mensen zelf niet roken, maar de sigarettenrook van andere rokers inademen. En dan is er nog derdehands rook. Daarmee duidt men de stoffen aan die tijdens het roken vrijkomen en neerdalen in de omgeving en daar – tot lang nadat de sigaret is uitgedoofd – blijven hangen. Deze derdehands rook hecht zich bijvoorbeeld aan de muren en meubels. Verschillende studies hebben al aangetoond dat ook deze derdehands rook gevaarlijk is voor de gezondheid. En mede om die reden is het bijvoorbeeld in de meeste hotelkamers inmiddels verboden om te roken.

Verplaatsing
Een nieuwe studie toont nu echter aan dat derdehands rook toch nog vrij gemakkelijk in rookvrije ruimtes – zoals de genoemde hotelkamers – binnen kan dringen. Experimenten wijzen namelijk uit dat rokers de derdehands rook niet alleen met zich meedragen, maar ook in de door hen bezochte ruimtes kunnen verspreiden, zelfs als daar niet gerookt wordt. Dat is te lezen in het blad Science Advances.


Experiment
De onderzoekers trekken die conclusie na een experiment te hebben uitgevoerd in een rookvrije bioscoop. Gedurende een week stonden in die bioscoop zeer gevoelige instrumenten die gassen en fijne deeltjes in de lucht kunnen detecteren. Zodra er publiek plaatsnam in de zaal, bleek de concentratie van stoffen die voorkomen in sigarettenrook toe te nemen. Wanneer er films werden gedraaid die geschikt waren voor alle leeftijden, was die toename beperkt. Maar de toename was enorm wanneer er een film werd gedraaid die alleen geschikt was voor volwassenen of minderjarigen onder volwassen begeleiding, oftewel een publiek waaronder je vaker rokers of meerokers zult aantreffen. Afgaand op de verhouding tussen de gedetecteerde chemicaliën moeten de onderzoekers concluderen dat deze afkomstig waren uit al wat oudere sigarettenrook, wat het idee dat we hier met derdehands rook te maken hebben, onderschrijft.

“Mensen dragen substantiële hoeveelheden derdehands rook met zich mee naar andere omgevingen,” concludeert onderzoeker Drew Gentner. “Dus het idee dat iemand beschermd is tegen de potentiële nadelige effecten van sigarettenrook, omdat deze niet direct aan tweedehands rook wordt blootgesteld, klopt niet.” Collega Roger Sheu voegt toe: “Ondanks regelgeving die voorkomt dat mensen binnen of nabij ingangen roken, weten gevaarlijke chemicaliën uit sigarettenrook toch nog naar binnen te komen.”

Concentratie
En het gaat daarbij ook nog eens om behoorlijke concentraties gevaarlijke gassen, zo benadrukken de onderzoekers. Tijdens hun experimenten werden bioscoopbezoekers in sommige gevallen in een uur tijd blootgesteld aan concentraties die grofweg vergelijkbaar zijn met wat je binnen zou krijgen als je 1 tot 10 sigaretten mee zou roken. De concentratie van deze gassen piekte wanneer de bioscoopgangers de zaal binnenkwamen en nam geleidelijk aan af. Maar verdwijnen deden ze niet; zelfs nadat de film was afgelopen konden ze nog worden gedetecteerd. Soms zelfs in de dagen erna nog. Dat komt volgens de onderzoekers doordat de chemicaliën niet simpelweg in de lucht blijven hangen, maar door verschillende oppervlakken en meubilair worden geadsorbeerd, iets wat we dus ook zien gebeuren in ruimtes waar wel gerookt wordt.


Het onderzoek is zeker geen reden om de bioscoop te mijden. De wetenschappers wijzen erop dat de meeste (moderne) bioscopen groot en goed geventileerd zijn, waardoor het effect van de chemische stoffen afkomstig uit sigarettenrook wordt beperkt. In minder goed geventileerde ruimtes – zoals kantoren, huizen en cafés – kan de concentratie van veel van deze chemische stoffen wel eens veel hoger liggen.