Nieuw onderzoek erop dat een ritje naar de ruimte de levensduur van het microscopisch kleine wormpje C. elegans goed doet. De dieren leven mogelijk langer.

Dat meldt de universiteit van Nottingham in het blad Scientific Reports. De conclusies zijn gebaseerd op experimenten. De wormpjes gingen meerdere keren naar het ISS en werden na hun verblijf in de ruimte uitgebreid bestudeerd.

Langer leven
Uit het onderzoek blijkt dat de ruimtevlucht de opeenhoping van nare eiwitten beperkt. Ook bleken bepaalde genen tijdens de ruimtevlucht minder actief te zijn. De onderzoekers schroefden daarop de activiteit van die genen ook bij wormen op aarde terug. Het resultaat? De wormen op aarde leefden langer.

Wist u dat…

De C. elegans in 2003 het nieuws haalden, omdat ze de ramp met de spaceshuttle Columbia overleefden? Ze zaten in petrischaaltjes in aluminium trommels. Ze overleefden de extreme temperaturen waaraan de spaceshuttle werd blootgesteld en ook de crash kwamen ze door. Weken na de ramp werden de wormen heelhuids teruggevonden. Bij de ramp kwamen de zes astronauten aan boord van Columbia om het leven.

Zeven genen
“We hebben zeven genen geïdentificeerd die in de ruimte minder actief waren en wiens uitschakeling de levensduur (van wormen, red.) in het laboratorium verlengden,” stelt onderzoeker Nathaniel Szewcyk. “We weten het niet helemaal zeker, maar het lijkt erop dat deze genen betrokken zijn bij de wijze waarop de worm de omgeving waarneemt en veranderingen in de stofwisseling doorvoert om zich aan die omgeving aan te passen. Eén van de genen die we bijvoorbeeld hebben geïdentificeerd wordt in verband gebracht met controle over de stofwisseling.”

Atrofie
Wetenschappers bestuderen de wormen om meer te weten te komen over de invloed die de ruimte op menselijke spieren heeft. De wormen zijn daar heel geschikt voor. Ze leiden namelijk ook aan spieratrofie (een aandoening waarbij de spieren minder krachtig worden) en ontwikkelen die aandoening onder min of meer dezelfde omstandigheden als mensen. “De meesten van ons weten dat spieren geneigd zijn om in de ruimte te krimpen. Deze laatste resultaten suggereren dat dit vrijwel zeker een aanpassende reactie op de omgeving en dus geen pathologische reactie is. Spieren worden wellicht tegen alle verwachtingen in beter oud in de ruimte dan op aarde. Het kan ook zijn dat de ruimtevaart het proces van ouder worden, vertraagt.”

Het onderzoek heeft ook nog een Hollands tintje. In 2004 nam André Kuipers wormen mee de ruimte in. De diertjes verbleven enige tijd aan boord van het ISS. Na die tijd gingen de wormen nog eens vijf keer mee de ruimte in. Naast de wormen is ook Kuipers zelf op dit moment een onderzoeksobject. Er wordt nu achterhaald welke gevolgen zijn ruimtereis voor zijn spieren en verdere lichaam heeft gehad.