Het klinkt raar, maar in Europa wordt meer dan een derde van de lokale runderrassen met uitsterven bedreigd. Veehouders kiezen vaak voor het rundersoort die het meeste melk produceert, en dat is het Noord-Amerikaanse melkras Holstein Friesian.

Het is natuurlijk logisch dat veehouders voor een hoogproductief melkveeras kiezen, maar het komt de biodiversiteit niet ten goede. Volgens de Wageningen Universiteit bedreigt de afname van biodiversiteit op den duur een belangrijke voedselbron van de mensheid.

Op dit moment komt het ras Holstein Friesian in 128 landen voor. Dit was vijftig jaar geleden nog anders, toen elke regio nog over eigen runderrassen beschikte. En aangezien veehouders zelf mogen bepalen welk ras ze houden, lijkt de trend zich voor te zetten.

Oplossingen
Hoe blijven lokale rassen bestaan? Volgens het EURECA-consortium is het belangrijk dat rasorganisaties zich meer moeten bezighouden met de planning voor (midden)lange termijn. Lokale runderrassen passen vaak goed in regionale concepten, waarbij deze rassen de beleving van natuur en landschap en de aantrekkelijkheid van speciale producten tot uitdrukking brengen.

Goede fokprogramma’s zijn nodig om de kloof niet te groot te laten worden tussen lokale rassen en meer gangbare rassen wat betreft de productie van melk of vlees en om specifieke kwaliteiten van het runderras in stand te houden, zoals de dubbeldoel-eigenschappen of melksamenstelling. Tevens is aandacht nodig om inteelt binnen rassen te voorkomen en kan ook genetische variatie worden opgeslagen in genenbanken.