Archeologen hebben halverwege augustus in Turkije enkele scalpels gevonden. De chirurgische gereedschappen zijn zo’n 4000 jaar oud en nog steeds vlijmscherp. Archeologen vermoeden dat de scalpels tussen 3200 en 2100 voor Christus gebruikt werden voor hersenoperaties. De patiënten liggen op een begraafplaats in de buurt.

De scalpels zijn gemaakt van obsidiaan (zie foto): een soort vulkanisch glas. Het glas moet wel geïmporteerd zijn uit een ander gebied, want in dit deel van Turkije komt het vulkanisch materiaal niet voor. “We vonden de messen nabij een cirkelvormig platform dat waarschijnlijk gebruikt werd voor religieuze ceremonieën,” vertelt onderzoeker Önder Bilgi. “De messen hebben twee kanten, zijn zo’n vier centimeter lang en zijn heel, heel scherp. Ze zouden je vandaag de dag nog kunnen snijden.”

Schedel
Op een begraafplaats niet ver van de plek waar de scalpels zijn aangetroffen, vonden de onderzoekers zo’n 700 schedels. In veertien daarvan is gesneden. “Ze kunnen alleen met een heel scherp voorwerp zijn gesneden,” weet Bilgi. “In die tijd – zo’n 4000 jaar of meer geleden – kan dat alleen vulkanisch glas zijn geweest. De littekens laten zien dat het mes gebruikt werd om een rechthoekige opening dwars door de schedel te maken.”

Tumor
De chirurgische ingrepen waren veelal niet overbodig. “Er waren drie belangrijke redenen. De eerste is: het verminderen van de druk van een hersenbloeding: we vonden bloedsporen aan de binnenkant van sommige schedels. De tweede is het behandelen van patiënten met een tumor in de hersenen. We vonden drukpunten van de tumoren aan de binnenkant van enkele schedels. En de laatste reden was het behandelen van verwondingen aan het hoofd.”

Succes
Over het algemeen verliepen de operaties succesvol. “We weten dat patiënten minimaal twee tot drie jaar na de operatie nog in leven waren, want de schedel heeft geprobeerd om de wond te dichten.”

Voor zover bekend is nog nooit zo’n geavanceerde operatietechniek bij zo’n oud volk aangetroffen. En dat maakt de vondst extra bijzonder.