De wereld buigt zich al 60 jaar over het probleem overbevolking. Maar wat als we er een probleem bij hebben dat minstens zo groot is? Namelijk overconsumptie?

Voedseltekorten, klimaatverandering en andere milieuzorgen zijn slechts een paar van de problemen als we denken aan overbevolking. Overbevolking is zo’n beetje de onestop-shop geworden, als we denken aan de uitdagingen van de aarde waarop we leven. En als we de overbevolking zouden kunnen fiksen, zou dat een heleboel problemen oplossen. En dat is misschien ook wel zo, maar er zijn ook nog andere manieren om onze problemen het hoofd te bieden.

Hoeveel mensen is te veel mensen?
Ten eerste moeten we ons de vraag stellen of er daadwerkelijk globaal sprake is van overbevolking. We kunnen niet om de definitie van overbevolking heen. Wat verstaan we daaronder? Daarover zijn wetenschappers het nog wel eens. Overbevolking is niet alleen voorbehouden aan de mens, ook al zouden we dat in de maatschappelijke discussies van de laatste decennia niet zeggen. Iedere soort die zo hard groeit dat zij de middelen niet heeft, om aan die groei te kunnen voldoen, heeft te kampen met overbevolking. En in die definitie zitten al wat antwoorden. Onderzoekers, wetenschappers en statistici smijten met getallen over onze aantallen, maar het antwoord zit niet in absolute getallen.


Een wereldpopulatie van bijna 8 miljard man, klínkt heel alarmerend. Zeker als we de toekomstige groei van het aantal mensen gaan voorspellen en naar het verleden kijken. We kennen deze cijfers inmiddels. In 1960 hadden we immers nog maar 3 miljard mensen op de aardkloot. Inmiddels zijn het er 8 miljard. En iedere keer schrikken we weer van onze eigen groei. We vergelijken de getallen met het verleden en met de getallen die we in de toekomst vrezen. Steeds meer mensen, gaat dat wel goed?

Overbevolking afhankelijk van toegang bestaansmiddelen
Een hoop van de problemen die we nu toeschrijven aan overbevolking, waren er echter al vér voordat we discussieerden over overbevolking. Hongersnoden bijvoorbeeld teisterden de mensheid ook al ver voordat het magische getal van 1 miljard wereldbewoners rond 1800 werd gehaald. En natuurverschijnselen zoals de uitbarsting van de Krakatoa en de mini-ijstijd die begon in 1650, hadden grote invloeden op ons klimaat. Maar als we kijken naar de dik 8 miljard man vandaag de dag en we zouden even vergeten met hoeveel we ooit waren en met hoeveel we ooit kunnen zijn, hebben we dan te maken met overbevolking?

“Of een land overbevolkt is, is dus ook een verdelingsvraagstuk, een vraagstuk van rechtvaardigheid”

De wetenschappelijke definitie is vrij eenvoudig. Als een populatie uit 10 man bestaat en er zijn maar bestaansmiddelen voor 9 man aanwezig, dan is er dus wel degelijk sprake van overpopulatie, ook al bestaat die maar uit 1 persoon. Het tegenovergestelde is natuurlijk ook waar: een populatie van 100.000 kent geen overbevolking als deze beschikt over de bestaansmiddelen voor een populatie van 200.000. Overpopulatie zit dus niet in absolute getallen, hoe alarmerend deze ook kunnen klinken, maar de relatie van deze aantallen tot de middelen.


Dichtbevolkt of overbevolkt?
En daar zit ‘m de kneep. “Men maakt zich zorgen om de snelle bevolkingsgroei in de Democratische Republiek Congo, maar Nederland is veel dichter bevolkt dan Congo. Die hoge bevolkingsdichtheid in Nederland is niet zo een probleem omdat we rijk genoeg zijn om van buiten Nederland ook veel goederen aan te kopen. Dat is voor inwoners van Congo veel moeilijker. Of een land overbevolkt is, is dus ook een verdelingsvraagstuk, een vraagstuk van rechtvaardigheid.” Aan het woord is professor dr. Marc Davidson van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Davidson is hoogleraar filosofie van duurzaamheid en milieu.

Consumptie en technologie ook belangrijk in vraagstuk overpopulatie
Davidson verwijst naar de zogenaamde I=PAT formule. “I staat hierbij voor de impact die de mens heeft op het milieu. Die impact hangt af van het aantal mensen, te weten P voor populatie, de consumptie per hoofd van de bevolking oftewel de A van affluence en de stand van de techniek T. Dat zijn dus de drie factoren die de druk op het milieu en de aarde beïnvloeden. Populatie is daar inderdaad één factor van. Maar de andere twee factoren zijn niet minder belangrijk. De wereldbevolking zou nog tot 15 miljard mensen kunnen doorgroeien binnen de grenzen die het milieu stelt. Maar dan moeten we wel tevreden zijn met een veel lagere consumptie per persoon. En bovendien zouden we grote stappen moeten maken in technologische ontwikkeling. Als je met technologie duurzamer kan consumeren en meer mensen toegang tot bestaansmiddelen kan geven, kan technologie en een vermindering in consumptie, een hogere populatie mogelijk maken. Zónder dat er sprake is van overbevolking.”

We willen niet minder consumeren
Davidson benadrukt het gelijke belang van deze drie factoren en niet alleen de factor populatie. “Er zijn gewoon grenzen aan wat mensen kunnen doen. Het eenvoudige feit dat het aardoppervlak begrensd is, alleen al bijvoorbeeld. Er is ook een eindige absorptie van ons ecosysteem als het gaat om CO2 en onze grondstoffen zijn ook begrensd. Populatie, consumptie en technologie zijn 3 knoppen die alle drie bediend moeten worden. Als je besluit dat één van die knoppen taboe is, bijvoorbeeld mensen aanspreken op hun gezinsgrootte of consumptiegedrag, dan leg je nog meer druk op de andere twee knoppen. Laat je de populatiegroei begaan, dan zul je dus de consumptie strakker moeten beteugelen en grote sprongen moeten maken in schone technologie. Maar dan is het wel mogelijk.”

“Om de ontwikkeling van schone technologie werkelijk aan te jagen, heb je in feite mondiaal beleid nodig”

Technisch is veel mogelijk, meent hij. “Maar die schone technologie komt niet vanzelf, in ieder geval te langzaam. Om de ontwikkeling van schone technologie werkelijk aan te jagen, heb je in feite mondiaal beleid nodig. En momenteel lijken landen weinig bereid tot internationale afspraken. Kijk maar naar de Brexit en Trump.. Het draaien aan de consumptieknop is evenmin makkelijk. Wie wil er minder consumeren? Daar zijn we niet dol op en we wijzen massaal naar elkaar. Landen onderling, maar ook burgers naar industrieën. We moeten echter in het Westen gewoon állemaal minder consumeren. Tenminste, als we geen onrealistische verwachtingen van technologische ontwikkelingen willen koesteren en de groeiende populatie ruimte willen bieden op aarde, zonder deze voor allen te overbelasten.”

Daarmee komen we ook voor de vraag wat ons écht meer zorgen baart? Meer mensen, meer technologie of ons biefstukje en de auto vaker laten staan? De keuzes die we daarin moeten maken, kunnen we niet eindeloos blijven uitstellen.