Vleermuizen vallen al enige tijd bij bosjes dood neer in Noord-Amerika. Wetenschappers denken nu eindelijk te weten hoe het komt.

In 2006 stuitten onderzoekers voor het eerst op de ziekte. De zieke vleermuizen hadden een beschadigde huid en een witte neus. De ziekte ging dan ook al snel de boeken in als ‘het witte neus syndroom’. Maar waardoor dit syndroom precies veroorzaakt werd, bleef onduidelijk. Ondertussen legden meer dan een miljoen vleermuizen in Canada en een deel van de VS het loodje.

Een zieke vleermuis. Foto: Marvin Moriarty / USFWS (via Wikimedia Commons).

Schimmel
Natuurlijk volgde er een onderzoek. Wetenschappers vermoedden dat een schimmel achter de ziekte zat. Niet lang daarna hadden de onderzoekers al een kandidaat op het oog: de schimmel Geomyces destructans zou de boosdoener zijn. Hoewel dat aannemelijk was, kon dat echter nooit met zekerheid bevestigd worden.

Bevestigen
Onderzoeker David Blehert en zijn team brengen daar nu verandering in. Ze verzamelden enkele gezonde vleermuizen (Myotis lucifugus) en infecteerden ze met de schimmel. Drie maanden later hadden alle vleermuizen het witte neus syndroom onder de leden.

Dood

Het is nog onduidelijk hoe de schimmel er precies voor zorgt dat vleermuizen doodgaan. Mogelijk beschadigt de schimmel de vleugels van de vleermuizen sterk. En deze vleugels zijn heel belangrijk voor de dieren. Ze vliegen er niet alleen meer, maar regelen bijvoorbeeld ook hun bloeddruk met de vleugels.

Verspreiden
Maar hoe verspreidde de schimmel zich van vleermuis naar vleermuis? De onderzoekers lieten geïnfecteerde vleermuizen bij gezonde exemplaren. Binnen drie maanden was bijna 90 procent van de gezonde vleermuizen ziek. In een tweede experiment werden gezonde en geïnfecteerde vleermuizen in kooien naast elkaar gezet. Er zat altijd minimaal 1,3 centimeter tussen de kooien en de vleermuizen konden elkaar dus niet aanraken. De gezonde vleermuizen bleven ook gezond. Dat bewijst dat de schimmel zich niet door de lucht verspreidt en dat vleermuizen elkaar moeten aanraken om de schimmel te verspreiden. Dat laatste is niet zo lastig: wanneer vleermuizen in winterslaap gaan, doen ze dat in grote groepen en raken ze elkaar veelvuldig aan.

Nu duidelijk is welke schimmel de boosdoener is en hoe deze schimmel zich verspreidt, kunnen maatregelen worden genomen. Zo lijkt het de onderzoekers heel verstandig als mensen niet langer grotten binnengaan waar zich vleermuizen ophouden. En als mensen dat per se willen, moeten ze zich goed ontsmetten. Alleen zo zou voorkomen kunnen worden dat het witte neus syndroom zich straks ook naar andere continenten verplaatst. Een andere optie is het aanpassen van de leefomstandigheden in grotten. De schimmel gedijt bij warmte en vocht. Door een situatie te creëren waarbij de schimmel geen en de vleermuis wel baat heeft, kan de ziekte misschien gestopt worden.