De overgrote meerderheid van onze genetische erfenis delen we dus met andere mensachtigen, zoals onze verre neven de Neanderthalers en Denisovamensen.

Wat maakt de mens uniek? Het is een prangende vraag die wetenschappers al enige tijd proberen te beantwoorden. In een nieuwe studie hebben onderzoekers een belangrijke stap gezet in het oplossen van het mysterie, door het DNA van de moderne mens te vergelijken met dat van onze uitgestorven voorouders.

Studie
Voor de studie bogen de onderzoekers zich over DNA, gehaald uit fossiele overblijfselen van Neanderthalers en Denisovamensen die zo’n 40.000 tot 50.000 jaar geleden op aarde leefden. Daarnaast bestudeerden ze het DNA van 279 moderne mensen afkomstig van over de hele wereld. Wetenschappers weten al langer dat moderne mensen en Neanderthalers DNA delen. Wat het echter ingewikkeld maakt, is dat verschillende mensen verschillende delen van het genoom met hen delen. Het belangrijkste doel van het nieuwe onderzoek was dan ook om genen te identificeren die exclusief aan moderne mensen toebehoren.

7 procent
De bevindingen uit de studie zijn verrassend. Zo blijkt dat slechts 7 procent van ons genoom uniek is voor onze soort. Met andere woorden, slechts 7 procent van ons DNA delen we alleen met andere moderne mensen en wordt niet gedeeld met onze verre neven. “Als je de familiegeschiedenis van een gen terug in de tijd traceert, kom je uiteindelijk bij de oorspronkelijke persoon uit,” legt onderzoeker Ed Green in een interview met Scientias.nl uit. “Deze persoon zou een Neanderthaler kunnen zijn, als het gen uit een inmenging is voortgekomen. Maar die persoon kan ook een mens zijn. In dat geval herleidt bij iedereen op aarde die specifieke regio van het genoom alleen naar andere mensen. We ontdekten dat 7 procent van het menselijk genoom op deze manier in elkaar steekt. In deze regio’s van het genoom zijn alle mensen meer met elkaar verwant dan iemand is met een Neanderthaler.”

Het is belangrijk om te benadrukken dat Neanderthalers en Denisovans niet de directe voorouders zijn van Homo sapiens (met andere woorden, we zijn niet uit hen geëvolueerd). In plaats daarvan delen ze gemeenschappelijke voorouders met ons, daarom worden ze vaak onze neven genoemd. De 93 procent van ons DNA die we delen met Neanderthalers en Denisovamensen is geërfd van die voorouders, die miljoenen jaren geleden op aarde leefden.

7 procent lijkt misschien een klein percentage. Het betekent dat we de overige 93 procent namelijk wel met de andere mensachtigen delen. Dergelijke bevindingen zijn de reden waarom wetenschappers zich afkeren van het idee dat wij zo enorm van Neanderthalers zouden verschillen.

Ander daglicht
Tegelijkertijd wijst Green erop dat je die 7 procent ook in een ander daglicht kunt zien. “De meeste mensen zijn verrast hoe weinig het is,” zegt hij. “Eerlijk gezegd ben ik meer verrast hoeveel het is. We weten dat er twee mogelijkheden zijn voor mensen om genen te delen met Neanderthalers. Ten eerste uit mede-erfenis van onze gemeenschappelijke voorouder. Veel genen hebben we al die tijd gewoon allebei bewaard. De andere mogelijkheid is een recentere vermenging met Neanderthalers. Met 7 procent van ons genoom hebben we alle sporen van deze archaïsche versies van genen uitgewist.”

Uniek
De onderzoekers ontdekten ook dat een nog kleiner deel van ons genoom – slechts 1,5 procent – zowel uniek is voor onze soort én gedeeld wordt door alle mensen die momenteel leven. “Deze regio’s van ons unieke menselijke genoom hebben een genetische eigenschap die wijdverspreid is onder mensen,” verduidelijkt Green. Die stukjes DNA bevatten misschien de belangrijkste aanwijzingen over wat de moderne mens echt onderscheidt en uniek maakt. “We kunnen zien dat die regio’s van het genoom rijk zijn aan genen die te maken hebben met de neurale ontwikkeling en de werking van de hersenen,” vervolgt Green. “Ik was hierdoor erg verrast. Dit suggereert dat mensen en Neanderthalers mogelijk verschillen in cognitieve functie (functies die te maken hebben met het verwerken van informatie, zoals waarneming, aandacht, concentratie, geheugen, oriëntatie, taalgebruik en vaardigheden, red.) hebben gehad.”

Dankzij deze studie weten we nu beter welke genetische factoren ons uniek maken. En dat is interessant. Homo sapiens zijn namelijk de enige overlevende mensachtige. En de vraag is nog altijd waarom wij daar eigenlijk als enige in zijn geslaagd. Mogelijk bezaten moderne mensen eigenschappen die andere mensachtigen niet hadden. Ons genoom schept in ieder geval gedeeltelijk duidelijkheid. “Het onderzoek helpt ons te concentreren op regio’s van ons genoom die de mensspecifieke biologie verklaren,” zegt Green. “We hebben nu een catalogus van genoomgebieden die nader onderzoek vereisen om het meest recente hoofdstuk van de menselijke evolutie te begrijpen.”