De SS’ers gebruikten een tunnel om zich vanuit het gevangenenkamp snel naar het SS-deel van het kamp te begeven.

Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog was het terrein met de appelplaats en barakken waarin de gevangen waren gehuisvest – door hoog prikkeldraad en wachttorens – gescheiden van de barakken waarin de SS’ers vertoefden. In hun memoires maakten verschillende oud-gevangenen van Kamp Amersfoort echter al melding van een tunnel die deze twee delen van het kamp – ondergronds – met elkaar verbond. En onderzoekers zijn er nu in geslaagd om die tunnel te lokaliseren.

Belangrijke ontdekking
De opgegraven tunnel werd door SS’ers gebruikt om gevangenen snel onder het prikkeldraad door te loodsen naar bijvoorbeeld de administratie, die in het SS-deel van het kamp te vinden was. De tunnel wordt momenteel verder onderzocht. Ook zullen maatregelen worden genomen om deze voor toekomstige generaties te kunnen behouden.


Over het kamp
Kamp Amersfoort werd kort voor de oorlog gebouwd voor de huisvesting van Nederlandse soldaten, die – met de oorlog die dreigde – en masse gemobiliseerd werden. Nadat Nederland in mei 1940 na heftige bombardementen op Rotterdam capituleerde, kreeg het kamp al snel een andere bestemming. De Duitsers gebruikten het kamp in eerste instantie om Duitsers die soms al heel lang in Nederland woonden, maar nog altijd de Duitse nationaliteit hadden, binnen zes weken klaar te stomen voor een carrière binnen de Duitse Waffen-SS. Het waren ook deze mannen die de prikkeldraadversperring en wachttorens rond het kamp moesten bouwen. In de loop van 1941 werd het kamp vervolgens ingezet om gevangen te herbergen en straffen. In het kamp werden politiek gevangenen (verzetslieden, maar ook bijvoorbeeld communisten), Jehova’s getuigen, Joden, maar ook Sovjets en Amerikanen gevangen gezet. De gevangenen werden gemarteld en moesten harder werken dan afgaand op hun fysiek gesteldheid – in het kamp was sprake van een gebrekkige hygiëne en een gebrek aan voedsel – eigenlijk mogelijk was. In het kamp kwamen in totaal zo’n 650 mensen om. Zij werden gefusilleerd of stierven door de ontberingen en mishandeling. Veel gevangenen (ongeveer 20.000) werden vanuit Kamp Amersfoort uiteindelijk op transport gesteld naar Duitse concentratiekampen. Ook werden sommige gevangenen overgeplaatst naar Westerbork en vandaaruit weer doorgestuurd naar vernietigingskampen.

Van Kamp Amersfoort naar Vught
Rond de jaarwisseling van 1942/1943 werden alle gevangen uit Kamp Amersfoort overgebracht naar Kamp Vught – waar de omstandigheden al niet veel beter waren – waarna Kamp Amersfoort werd uitgebreid en in mei 1943 de deuren weer opende. In april 1945 werd het strafkamp overgedragen aan het Rode Kruis dat gevangenen van voedsel en medicijnen voorzag. Op 5 mei 1945 capituleerde Duitsland en konden de gevangenen het kamp eindelijk verlaten. (Voormalig) gevangenen die nog te zwak waren om te vertrekken, werden in de maanden die volgden nog in Kamp Amersfoort verzorgd. En ook (voormalig) gevangenen uit diverse Duitse kampen verzamelden zich hier om aan te sterken. Enkele maanden na de bevrijding werden in het kamp oorlogsmisdadigers en collaborateurs opgesloten. In 1946 werd het kamp overgedragen aan het Departement van Oorlog en weer als legerkamp in gebruik genomen.

Herdenkingen
Nog regelmatig worden nabij Kamp Amersfoort herdenkingen gehouden. Bijvoorbeeld op 4 mei. Maar ook op 19 april: de datum waarop het kamp in 1945 aan het Rode Kruis werd overgedragen. Daarnaast vindt sinds een aantal jaar op 11 oktober een wandeltocht plaats die van het kamp naar het station voert; een tocht die veel gevangenen in de oorlogsjaren moesten maken, wanneer ze van Kamp Amersfoort naar kampen in bijvoorbeeld Nazi-Duitsland werden vervoerd. Op 11 oktober 1944 vond het grootste transport vanuit Kamp Amersfoort naar Duitsland plaats: maar liefst 1441 mensen liepen toen naar het station om vervoerd te worden naar het Duitse concentratiekamp Neuengamme. Onder hen bevond zich ook Klaas de Raad die ergens in de buurt van Almelo een brief uit de trein gooide, gericht aan zijn vrouw en kinderen. De brief geeft meer inzicht in het leven in Kamp Amersfoort en is des te schrijnender als je bedenkt dat De Raad nooit uit Neuengamme terugkeerde. Hij was helaas niet alleen; van de op 11 oktober 1944 op transport gestelde gevangenen, overleefden slechts weinigen de oorlog.


De teruggevonden tunnel getuigt – net als zo’n brief van een gevangene – van de vreselijke dingen die in Kamp Amersfoort zijn gebeurd en die nooit vergeten mogen worden, zo stelt Willemien Meershoek, directeur van het Nationaal Monument Kamp Amersfoort. “De tunnel is een belangrijke ontdekking uit de verschrikkelijke geschiedenis en zal onderdeel gaan uitmaken van het verhaal van Kamp Amersfoort dat wij willen blijven vertellen.”