Het eten van Spaanse pepers kan afvallers wel eens het benodigde duwtje in de rug geven; de Spaanse peper versnelt de verbranding en verwijdert zo een hoop vet. Dat blijkt uit onderzoek. En voor wie het niet zo op de pittige lekkernij heeft, is er een milder alternatief..

De zeer hete peper wordt door dieren op afstand gehouden, maar de mens ziet het – in kleine hoeveelheden – wel zitten. De Spaanse peper zit dan ook in talloze gerechten verborgen. Wetenschappers raakten geïntrigeerd door de peper toen bleek dat deze mensen letterlijk kan laten zweten. Hun onderzoek leverde al snel meer verbazingwekkende resultaten op.

Capsaïcine
Zo bleek de Spaanse peper ervoor te zorgen dat er meer vet verbrandt wordt. Om het allemaal comfortabel te houden, gingen de wetenschappers op zoek naar een minder hete variant met hetzelfde effect. Al snel ontdekten ze dat het belangrijkste ingrediënt van de rode peper: capsaïcine, ook in minder hete soorten fruit voorkomt.

Placebo
De onderzoekers verzamelden daarop 34 mannen en vrouwen. De proefpersonen kregen elke dag een maaltijdvervanger met bijzonder weinig calorieën voorgeschoteld. De helft van de mensen kreeg vervolgens een supplement met daarin de milde variant van capsaïcine: dihydrocapsiate. De andere helft kreeg een placebo.

Al enkele uren nadat de maaltijd was genuttigd, wierp het echte supplement zijn vruchten af. In vergelijking met de proefpersonen die een placebo hadden gekregen, verbruikten de Spaanse peper-eters twee keer zoveel energie. De Spaanse peper moedigde het lichaam bovendien aan om de brandstof die nodig was voor deze energie uit het vet te halen. Hierdoor nam het vetpercentage dus af.