In de strijd om een dame blijkt een grote mond in het voordeel te werken. Dat geldt tenminste voor springspinnen.

Dat concluderen onderzoekers van de Duke University. Ze lieten 24 mannetjes in paren gedurende tien minuten met elkaar vechten. Om er zeker van te zijn dat de heren de strijd aangingen, werd er wat zijde van een vrouwelijke spin in de doos gestopt. In totaal vonden er zo’n 68 confrontaties plaats.

Vechten
In sommige gevallen werd er flink gevochten. De mannetjes zwaaien met hun voorpootjes en sloegen met hun monddelen tegen elkaar. Maar in veel gevallen kwam het niet eens tot een gevecht en was het vrouwtje automatisch weggelegd voor één van de mannetjes. Dat was het geval wanneer deze mannetjes veel grotere monddelen hadden dan hun tegenstander.

WIST U DAT?

Kleintje
“De mannetjes zwaaien een tijdje met hun voorpoten naar elkaar en dan gaat het kleinere mannetje ervandoor,” vertelt onderzoeker Cynthia Tedore. Hoogstwaarschijnlijk gebruiken de spinnen hun acht ogen om de grootte van hun tegenstander vast te stellen en te kijken of een gevecht een goed idee is. “In de meeste gevallen rent de kleinere spin nog voordat het tot een gevecht komt weg.”

Minder rood
Opvallend genoeg kon een mannetje met een kleinere mond het in zeer uitzonderlijke gevallen wel winnen van een mannetje met grotere monddelen. Maar dan moesten de kleinere monddelen van dit mannetje wel minder rood zijn dan normaal. Waarom minder rode monddelen eerder een overwinning opleveren, is onduidelijk. Mogelijk verbruiken de spinnen minder energie om hun monddelen rood te maken en kunnen ze daardoor in gevechten beter presteren.

Maar over het algemeen is de overwinning dus weggelegd voor de mannetjes met de grote monddelen, zo schrijven de onderzoekers in het blad Behavioral Processes.