De slang wist zich jaren verborgen te houden in een nationaal park in het noorden van Madagaskar. Tot in het park een nieuw pad geopend werd…

Op dat pad stuitten onderzoekers namelijk in 2014 op een witte en lichtgrijze slang. Na gedegen onderzoek blijkt het nu om een soort te gaan die ons tot voor kort totaal onbekend was. De slang heeft de naam Madagascarophis lolo gekregen. ‘Lolo’ spreek je uit als ‘luu luu’ en betekent ‘spook’. Een naam die de slang natuurlijk te danken heeft aan zijn uiterlijk.

Verticale pupillen
De slang behoort tot het geslacht Madagascarophis. De slangen uit dit geslacht hebben verticale pupillen. Hun ogen doen daarmee een beetje denken aan de ogen van katten en komen goed van pas als het schemerig of donker is. Veel slangen uit dit geslacht zijn aangetroffen in ontwikkelde gebieden of aangetaste bosgebieden. Maar M. lolo hield zich dus op in een nationaal park, op grijskleurige rotsen. “Geen van de andere slangen uit Madagascarophis zijn zo bleek en geen van de slangen (uit dit geslacht, red.) hebben dit specifieke patroon,” vertelt onderzoeker Sara Ruane.

M. lolo. Afbeelding: Sara Ruane.

M. lolo. Afbeelding: Sara Ruane.

Familie
Genetisch onderzoek toont aan dat het familielid dat het meest nauw aan M. lolo verbonden is ook pas recent werd ontdekt. Deze slang – M. fuchsi – werd ontdekt op een plek zo’n 100 kilometer ten noorden van Ankarana. Beide slangen leven in geïsoleerde, rotsachtige gebieden. Het kan waarschijnlijk ook verklaren waarom ze zich zo lang verborgen wisten te houden. Veel gebieden op het eiland zijn moeilijk te bereiken en nog amper verkend.

“Slangen zijn zelfs onder de beste omstandigheden moeilijk te vinden,” vertelt Ruane. M. lolo werd ontdekt tijdens het regenseizoen: het seizoen waarin slangen en hun prooien – kikkers, hagedissen en andere slangen – het meest actief zijn. Maar pas na een trektocht van meer dan 27 kilometer – in de stromende regen – stuitten de onderzoekers op M. lolo. “Het was echt zwaar. Het was veel werk. Maar het resultaat mag er zijn.”