Wetenschappers denken bewijzen gevonden te hebben voor een totnogtoe onbekende explosieve uitbreiding van de mensheid. Ergens tussen 40.000 en 50.000 jaar geleden nam het aantal mensen in een zeer rap tempo explosief toe.

Dat er momenten zijn geweest waarop het aantal mensen dat op aarde leefde, sterk toenam, wisten we al wel. Wetenschappers stelden bijvoorbeeld eerder al vast dat het vertrek van mensen uit Afrika tot een flinke uitbreiding van het aantal mensen leidde. “We zagen dat altijd als de grootste uitbreiding van de populatie moderne mensen, maar ons onderzoek trekt die theorie nu in twijfel,” vertelt onderzoeker Wei Wei. “De uitbreiding door Afrika te verlaten, die ongeveer 60.000 jaar geleden plaatsvond, was voor geografische begrippen met mensen die zich over de wereld verspreidden, enorm. Nu hebben we een tweede golf van uitbreiding ontdekt die veel groter is als het gaat om de groei van de menselijke populatie en over een hele korte periode plaatsvond: ergens tussen 40.000 en 50.000 jaar geleden.”

Y-chromosoom
Het idee dat de mensheid zich in die periode rap uitbreidde, is helemaal nieuw. De onderzoekers baseren hun conclusie op het bestuderen van 36 Y-chromosomen. Op basis daarvan konden ze een zeer accurate stamboom van het Y-chromosoom maken en conclusies trekken over de historie van de groei van de mensheid, zo meldt het blad Genome Research.

WIST U DAT…

…er een genetische mutatie voor nodig was om onze voorouders in staat te stellen zich over heel Afrika te verspreiden?

Verklaring
Hoewel uit de studie heel duidelijk naar voren komt dat de mensheid zich zo’n 40.000 tot 50.000 jaar geleden enorm uitbreidde, kunnen de chromosomen ons weinig vertellen over de oorzaken van die snelle expansie. Toch denken de onderzoekers wel te weten hoe de snelle uitbreiding plaats kon vinden. Een mogelijke theorie is dat mensen toen ze Afrika verlieten, langs de kustlijn reisden en zich gaandeweg vestigden. “We denken dat wanneer mensen uit de hoorn van Afrika naar Azië, Australië en uiteindelijk ook Europa trokken, ze in kleine groepjes bij de kust bleven. Het kostte ze duizenden jaren om zich aan te passen aan de heuvelachtige en bosrijke omgevingen in de binnenlanden. Maar zodra hun genen aan die omgevingen waren aangepast, nam de populatie extreem snel toe, doordat groepen het binnenland in trokken en daar profiteerden van de overvloed aan ruimte en voedsel.”

Wat de onderzoekers betreft, zit hun studie er nog lang niet op. Tijdens dit onderzoek richtten ze zich maar op 36 complete Y-chromosomen en konden ze toch grote conclusies trekken. Dat smaakt naar meer. “We willen nu naar tien keer meer Y-chromosomen gaan kijken in gegevens van het 1000 Genomes Project,” vertelt onderzoeker Chris Tyler-Smith. “Wie weet wat we dan vinden.”