In dit regenwoud was het elk jaar drie maanden op rij pikdonker.

Onderzoekers zijn tot de verrassende ontdekking gekomen dat er op Antarctica zo’n 90 miljoen jaar geleden heuse regenwouden voorkwamen. Een opvallende bevinding. Want zelfs tijdens het Krijt bevond het Antarctische continent zich op de zuidpool. Hoe is het mogelijk dat er in dit gebied dan toch gematigde regenwouden ontsproten?

Sedimentkernen
Het bewijs voor het Antarctische woud komt van een sedimentkern die is geboord in de zeebodem nabij de Pine Island-gletsjer en de Thwaites-gletsjer op West-Antarctica. Het team trof in dit monster namelijk een schat aan plantenpollen en verwikkelde wortels aan. Daarnaast bevatte de sedimentkern talloze sporen van stuifmeel en planten, waaronder de eerste overblijfselen van bloeiende planten die ooit op deze Antarctische breedtegraden zijn gevonden. “De talrijke plantenresten bevestigen dat de kust van West-Antarctica 93 tot 83 miljoen jaar geleden een drassig landschap vormde waarin gematigde regenwouden voorkwamen,” legt onderzoeker Ulrich Salzmann uit. “Dit was vergelijkbaar met de bossen die nog steeds te vinden zijn op bijvoorbeeld het zuidereiland van Nieuw-Zeeland.”


Krijt
Het midden-Krijt (ongeveer 115 miljoen tot 80 miljoen jaar geleden) was niet alleen het tijdperk waarin dinosaurussen over de aarde banjerden, maar was tevens de warmste periode in de afgelopen 140 miljoen jaar. Het oppervlak van het zeewater tikte destijds rond de tropen met gemak de 35 graden Celsius aan en de zeespiegel lag 170 meter hoger dan nu. Toch weten we nog maar heel weinig over de omgevingsomstandigheden in het Krijt ten zuiden van de poolcirkel, aangezien we nauwelijks over betrouwbare gegevens beschikken die zo ver teruggaan in de tijd. De nieuwe sedimentkern biedt het team dan ook de eerste kans om het West-Antarctische klimaat tijdens het Krijt te reconstrueren.

Kaart van hoe de continenten er tijdens het Krijt uitzagen. Het rode. kruis geeft de boorlocatie aan. Afbeelding: Alfred-Wegener-Institut

De resultaten brachten een hoop verwarring teweeg. Want hoe is het mogelijk dat op zulke lage breedtegraden heuse regenwouden ontstonden? Zoals gezegd bevond het Antarctische continent zich destijds net als nu op de zuidpool, wat betekent dat het in de regio elk jaar drie maanden op rij pikdonker was. Dit suggereert dat het klimaat destijds uitzonderlijk warm moet zijn geweest.

Reconstructie
De onderzoekers besloten de omgeving te reconstrueren om een voorstelling te maken van de klimatologische omstandigheden die destijds heersten. Daarvoor analyseerden ze temperatuur- en neerslagindicatoren in het bodemmonster, waardoor ze de lucht- en watertemperatuur in de west-Antarctische regenwouden konden achterhalen. De uitkomsten van de verschillende analyses pasten als puzzelstukjes in elkaar: ongeveer 90 miljoen jaar geleden heerste er een gematigd klimaat op slechts 900 kilometer afstand van de zuidpool. De jaarlijkse gemiddelde luchttemperatuur was zo’n twaalf graden Celsius. Anders gezegd: in het Krijt was de gemiddelde temperatuur nabij de zuidpool ongeveer twee graden warmer dan de gemiddelde temperatuur in Duitsland vandaag de dag. ’s Zomers lag de gemiddelde temperatuur rond de 19 graden Celsius en het water in rivieren en moerassen kon wel zo’n 20 graden Celsius bereiken. De hoeveelheid regen die destijds uit de lucht kwam storten was bovendien vergelijkbaar met die in het huidige Wales.

Kooldioxide
De bevindingen suggereren dat het Antarctische continent bedekt was met dichte vegetatie, er geen ijskap in het zuidpoolgebied bestond en dat de hoeveelheid atmosferische CO2 tijdens het Krijt veel hoger lag dan men tot nu toe dacht. “Vóór onze studie was de algemene veronderstelling dat de wereldwijde CO2-concentratie tijdens het Krijt rond de 1000 ppm lag,” zegt onderzoeksleider Johann Klages. “Maar uit onze experimenten blijkt dat niveaus van 1120 tot 1680 ppm nodig moeten zijn geweest om de aangetoonde gemiddelde temperaturen te bereiken.” Hieruit blijkt wel dat het broeikasgas kooldioxide een enorme stempel kan drukken op het klimaat. “We weten nu dat het tijdens het Krijt gemakkelijk maanden achtereen pikdonker kon zijn,” zegt onderzoeker Torsten Bickert. “Maar door de hoge CO2-concentratie was het klimaat rond de zuidpool toch gematigd, zonder ijsmassa.”


De grote vraag is nu: als het toen zo warm was op Antarctica, wat heeft er dan voor gezorgd dat het klimaat vervolgens zo drastisch afkoelde en er ijskappen gevormd werden? “Onze klimaatsimulaties hebben daar nog geen bevredigend antwoord voor,” zegt onderzoeker Gerrit Lohmann. Het ontmaskeren van de oorzaak van dit omslagpunt is nu een belangrijke uitdaging voor wetenschappers die zich bezighouden met klimaat.