stamcel

Nieuw onderzoek biedt hoop voor ALS-patiënten. Wetenschappers hebben een gen ontdekt dat met de ziekte geassocieerd kan worden. Het is mogelijk een nieuw aanknopingspunt voor een ziekte die in veel gevallen fataal is.

ALS (Amyotrofische Laterale Sclerose) is een ziekte die de zenuwcellen die de spieren aansturen, aantast. Hierdoor zijn ALS-patiënten geleidelijk aan niet langer in staat om hun spieren aan te sturen. Soms is ALS erfelijk en krijgen meerdere mensen in een familie de ziekte. We spreken dan van ‘familiaire ALS’. Maar de ziekte kan ook opduiken zonder dat er een familiaal verband wordt gevonden. Dan spreken we van ‘sporadische ALS’. Dit is de meest voorkomende vorm van ALS.

Genen
Hoewel wetenschappers het er wel over eens zijn dat ook sporadische ALS zijn oorsprong vindt in genetische mutaties, zijn ze er tot op heden nauwelijks in geslaagd om die gemuteerde genen aan te wijzen. Van slechts een handjevol genen is bekend dat ze zeker verband houden met sporadische ALS. En nu kunnen onderzoekers daar een nieuw gen aan toevoegen: TBK1.

Op de afbeelding
Op de afbeelding zie je iPS-cellen (induced pluripotent stem cells) van ALS-patiënten (links) en gezonde mensen (rechts). Deze cellen worden gebruikt voor nader onderzoek naar de rol van onder meer TBK1.

TBK1
Uit onderzoek onder 2784 ALS-patiënten en een controlegroep bestaande uit 6405 mensen is gebleken dat TBK1 verband houdt met sporadische ALS. Het gen speelt een belangrijke rol wanneer twee belangrijke cellulaire reeksen stofwisselingsprocessen samenkomen: ontstekingen (een reactie op een beschadiging of infectie) en autofagie (een proces waarbij beschadigde onderdelen van een cel verwijderd worden). “De identificering van TBK1 is opwindend wanneer we de oorsprong van ALS willen achterhalen,” stelt onderzoeker Lucie Bruijn. “Met name omdat ontstekingen en autofagie een rol spelen in de ziekte.”

Eén procent
Ongeveer één procent van de onderzochte ALS-patiënten had een gemuteerd TBK1-gen. Dat lijkt misschien weinig, maar het is veel als je bedenkt dat ALS een complexe ziekte is waarin meerdere genetische componenten een rol spelen. “ALS is een ongelofelijk diverse ziekte,” benadrukt onderzoeker David B. Goldstein. “Veroorzaakt door tientallen verschillende genetische mutaties die we nu pas beginnen te ontdekken. Hoe meer mutaties we identificeren, hoe beter we de reeks stofwisselingsprocessen die leidt tot de ziekte kunnen ontcijferen en beïnvloeden.”

Uit het onderzoek blijkt tevens dat een tweede gen – OPTN genaamd – waarvan gedacht werd dat het een kleine rol in ALS speelde, een vrij grote invloed heeft. “Het TBK1-eiwit en optineurin – een eiwit dat het OPTN-gen codeert – gaan fysiek en functioneel de interactie met elkaar aan. Beide eiwitten zijn nodig voor het normaal functioneren van de reeks stofwisselingsprocessen die achter ontstekingen en autofagie schuilgaan en wij hebben nu aangetoond dat mutaties in beide genen verband houden met ALS.” Momenteel wordt in het laboratorium onderzoek gedaan naar hoe de gemuteerde genen werken en of het mogelijk is om deze met medicijnen te behandelen.