Op het mysterieuze Paaseiland wonen de Rapa Nui. Het volk staat bekend om zijn kannibalisme en het bouwen van immense stenen beelden.

Toen in Europa in de vijfde eeuw het Romeinse rijk uiteenviel, zette een groep Polynesiërs een vaartocht uit naar Paaseiland. Het was de laatste fase van een proces waarin bevolkingsgroepen een uitgestrekt deel van de Pacifische oceaan ontdekten en er nederzettingen bouwden.

Vaartochten
De oorspronkelijke Polynesiërs kwamen uit het zuidoosten van Azië en trokken rond 1000 voor Christus naar de eilanden Tonga en Samoa. Vanaf hier voeren zij steeds verder: rond 300 na Christus eerst naar de Marquesaseilanden om van daaruit naar Paaseiland en Hawaï te varen. Na deze bewegingen trok het volk in 600 naar de Genootschapseilanden en in 800 naar Nieuw-Zeeland. De Polynesiërs zijn hiermee het meest verspreide volk ter wereld. Deze vaartochten ondernamen zij in dubbele kano’s met een groot middenstuk waarop zij mensen, dieren, planten en eten meevoerden.

Kaart van Paaseiland

Kaart van Paaseiland: klik voor een vergroting. Bron: Wikimedia Commons

Hoto Matu’a
Op de boot naar Paaseiland zaten ongeveer tussen de twintig en dertig Polynesiërs. De legende gaat dat zij werden geleid door Hoto Matu’a: de eerste koning van Paaseiland. Een priester genaamd Haumaka zou in een droom van de toekomstige koning zijn verschenen. In de droom vloog de priester naar de zee en ontdekte een eiland dat hij ‘Te Pito ‘o te Kainga’ noemde, oftewel ‘het midden van de aarde’. Hoto Matu’a stuurde vervolgens zeven ontdekkers en wachtte op hun terugkomst. De ontdekkers kwamen terug met goed nieuws: het eiland bestond echt. Hotu Matu’a vulde de kano met alle overlevingsmiddelen en nam zijn familie en andere Polynesiërs mee om naar het eiland te varen: Rapa Nui. De legende gaat verder met de kinderen van de koning: zij kregen land toebedeeld door hun vader en op die manier ontstonden er ‘clans’. Na vele jaren zouden er twee grote groeperingen zijn ontstaan die constant oorlog met elkaar voerden. De zogeheten Ko Tu’u Aro in het noordwesten en de Hotu Iti in het zuidoosten.

Burgeroorlog
Of de legende waar is, weet niemand. Wel is duidelijk dat de bevolking op een gegeven moment extreem in aantallen afnam. De bevolking van Paaseiland zou in het jaar 1550 het grootst zijn geweest: namelijk 7000 mensen. Als de Nederlandse Jacob Roggeveen het eiland in 1770 bezoekt, zijn daar nog maar 3000 Rapa Nui van over. En na daarop volgende bezoeken van diverse zeevaarders lijkt de bevolking alleen maar meer te krimpen. Het verdwijnen van bijna de gehele bevolking zou voornamelijk te maken hebben met het voedsel- en bomentekort en de verschillende oorlogvoerende ‘clans’.

Ahu met stenen beelden

Eén van de vele ahu's op het eiland, versierd met stenen beelden. Bron: Wikimedia Commons

Clans
De Rapa Nui leefden in kleine groepen verspreid over het eiland: de zogeheten clans. Een clan begon bij twee gezinnen die een stuk land bezaten. De huishoudens op dat land sloten zich hier bij aan. Iedere groep op het eiland had zijn eigen religieuze en ceremoniële activiteiten en ook een eigen baas. Omdat het verbouwen van aardappelen niet heel veel tijd in beslag nam, had de bevolking veel vrije tijd. Deze tijd brachten zij door op de ahu: dit waren grote stenen platformen waar mensen werden begraven, de voorouders vereerd en overleden leiders werden herdacht. De Rapa Nui bouwden meer dan 300 van deze plaatsen, meestal aan de kust. Op de platformen werden vervolgens enorme stenen beelden (moai) geplaatst: een torso met een mannenhoofd. Bovenop het hoofd bevond zich een ronde knot van rode steen. Om de beelden te verplaatsen naar de platformen werden rollende boomstammen gebruikt. Als de bevolking in 1550 gestegen is naar 7000 man neemt de concurrentie tussen de clans toe: voordat de zestiende eeuw begint zijn er honderden ahu’s en zo’n 600 beelden te vinden op Paaseiland. En dan beginnen de problemen: want de bomen verdwijnen en daarmee ook het hout.

Voedsel- en bomentekort
Uit onderzoek is gebleken dat het eiland ooit een groot bos had. Toen Roggeveen bij het eiland aankwam, waren er echter nauwelijks bomen te zien. Het verdwijnen van de bossen kwam door het veelvuldige gebruik van hout door de Rapa Nui. Zij gebruikten het om vuur te maken en te koken, voor het maken van gereedschap en huishoudelijke producten, voor het bouwen van huizen en kano’s en om de zware stenen beelden te vervoeren.

Bron van Water

De Vulkanen op het eiland zijn de enige bron van zoet water. Bron: Wikimedia Commons

Daarnaast was er ook een voedseltekort. Het eiland had maar weinig hulpbronnen. Water kon alleen gevonden worden in de uitgestorven vulkanen en er waren maar weinig verschillende planten en dieren. Ook de zee om het eiland heen bevatte weinig vis. Het voedsel dat zij hadden meegebracht bleek daarnaast niet te kunnen groeien in het extreem warme klimaat. Het volk moest leven op kip en zoete aardappelen.

Verdwijning
Door het gebrek aan hout kon het volk geen hutten meer bouwen en het moest daarom in grotten gaan wonen. Er kon niet meer worden gevist, want er was geen hout voor het bouwen van kano’s. Ook visnetten konden niet meer worden geproduceerd, want de papiermoerbei was verdwenen. De grond werd minder vruchtbaar en daardoor werd het verbouwen van aardappelen erg moeilijk. De enige bron van voedsel die nog over was, waren de kippen: zij moesten goed worden verdedigd tegen diefstal en werden daarom in stenen kippenhokken ondergebracht. Er ontstond ruzie: de clans hadden als doel elkaars ahu’s te vernietigen en door het voedseltekort veranderden de Rapa Nui in kannibalen. Het volk werd steeds kleiner en ziektes die door buitenlanders naar het eiland werden gebracht hielpen ook niet mee. In 1862 worden veel Rapa Nui als slaven van het eiland weggehaald door Peruanen. Wanneer Chili het eiland in 1888 overneemt, zijn er nog maar 111 mensen over. Chili maakt op het eiland een grote schapenboerderij en geeft alle Rapa Nui de Chileense identiteit.

WIST U DAT…
…de Rapa Nui het wegennetwerk op het eiland gebruikten voor ceremonies?

Spanningen
Volgens een schatting uit 2005 heeft het eiland nog 3791 inwoners. Er is veel spanning op het eiland: de Rapa Nui zijn boos op de Chileense overheid voor het niet teruggeven van bepaalde grondgebieden. Toen Chili het eiland annexeerde werd er een verdrag opgesteld. In dit verdrag gaven de Rapa Nui stukken grond in bruikleen. Maar in 1933 voerde Chili een landregistratiewet in waardoor de staat eigenaar werd van het land. De Rapa Nui hebben al veel geprotesteerd.

Dansende Rapa Nui

Dansende Rapa Nui op Paaseiland. Bron: Wikimedia Commons

Paaseiland en zijn bevolking worden onder andere door historicus Clive Ponting gebruikt als het voorbeeld van hoe het niet moet: door het uitputten van de aanwezige hulpbronnen kan een volk worden uitgeroeid. Toch denken andere onderzoekers hier anders over. De Nederlandse milieubioloog Jan J. Boersema denkt dat ratten achter de ontbossing en vernietiging van de beelden zitten. Boersma is van mening dat honger en ziekten, veroorzaakt door Peruaanse mensenhandelaars ten grondslag ligt aan de afnemende bevolking. De echte toedracht is tot op de dag van vandaag niet bekend: er kan alleen gespeculeerd worden. Wat wel zeker is, is dat zich op het mysterieuze eiland een trieste geschiedenis heeft afgespeeld, eentje die de hoofdrolspelers ervan bijna fataal is geworden.