Nu de Amerikaanse regering besloten heeft de ruimtevaart in eigen land te privatiseren, blijven ook de gevolgen voor de astronauten niet uit. Want wie gaat hen in de toekomst betalen? Krijgen ze net als sporters een sponsor op de mouw? En blijven ze wel in dienst van NASA of gaan de astronauten straks als huurlingen naar het ISS?

“Dat is een discussie die we moeten voeren,” meldde NASA-baas Charles Bolden gisteren. “Als we starten met het gebruik van commerciële vermogens om mensen in een baan rondom de aarde te krijgen, betekent dat dan dat we zeggen: ‘Ik wil een ruimtevaartuig lenen om een team van zes astronauten naar het International Space Station te sturen?’ Of: ‘Ik wil een team huren om het zes maanden naar het ISS te sturen?’

Op dit moment bestaat het NASA-korps uit zo’n 88 astronauten. 24 anderen zijn ook astronaut, maar zitten in het management. “Er is een kleine groep mensen die echt een grote minachting voor astronauten hebben,” meent Bolden. “Ze hebben het gevoel dat we – omdat we dit elitekorps hebben – anderen tegenhouden om de ruimte in te gaan. Dus als je van het elitekorps af kunt komen dan kan iedereen gaan vliegen.” Maar zo werkt het niet. Volgens Bolden is het uitgesloten dat de man van de straat een training van zes weken krijgt en vervolgens volledig capabel de ruimte in gaat. “Dat gaat niet gebeuren.”

De discussie over wie straks in de private sector de ruimte in mag, speelt niet alleen in Amerika. Ook de internationale partners van de Amerikanen hebben daar een zegje in. “En zij vinden het elitekorps prettig,” merkt Bolden op.