Al die teambuildinguitjes voor leraren: is dat nu echt nodig? Jazeker! In scholen waar leraren een hechte band hebben, heerst meer onderling vertrouwen en worden meer gezamenlijke besluiten genomen. Niet alleen de leerkrachten profiteren hiervan: ook de leerlingen!

De werkrelaties tussen leerkrachten worden vaak gezien als belangrijke bouwstenen van een sterk schoolteam. Wanneer leerkrachten een hecht sociaal netwerk vormen en zo steeds informatie, kennis en expertise uitwisselen, kunnen leerkrachten en leerlingen hier profijt van hebben. Promovendus en NWO-onderzoekster Nienke Molenaar van de universiteit van Amsterdam ontdekte bijvoorbeeld dat leerkrachten die sterke onderlinge relaties hebben, meer bereid zijn om nieuwe dingen te proberen om het onderwijs te verbeteren. Ook nemen deze leerkrachten vaker samen beslissingen over de invulling en uitvoering van het onderwijs. Bovendien ontstaat er een ‘collectief zelfvertrouwen’ dat goed is voor het onderwijs aan de leerlingen.

De onderzoekster concludeert dat sociale netwerken een belangrijke rol spelen bij de invoering van vernieuwingen in het onderwijs, zoals de introductie van nieuwe lesmethoden. Beleidsmakers, schoolleiders, leerkrachten en andere onderwijsprofessionals kunnen met deze wetenschap hun voordeel doen. Zo is het belangrijk om bij het ontwerpen en invoeren van onderwijsvernieuwingen meer rekening te houden met de manier waarop een schoolteam gezamenlijk de vernieuwingen ervaart en doorvoert. De rol van de schoolleiding is hierin natuurlijk ook belangrijk. Hoe dichter een schoolleider bij de leerkrachten staat, en hoe centraler de plaats van de schoolleider in het sociale netwerk, hoe beter een school in staat is om goed om te gaan met onderwijsvernieuwing, stelt Moolenaar.

Buitenland
Onderzoek naar sociale netwerken onder leerkrachten was tot nu toe schaars. Nienke Moolenaar onderzocht de rol van sociale relaties tussen leerkrachten bij het functioneren van scholen. Zij bracht daarvoor sociale netwerken van schoolteams in het basisonderwijs in kaart. In totaal deden 775 leerkrachten van 53 verschillende scholen mee. Om de bevindingen uit de Nederlandse deelstudies te toetsen in een andere omgeving, werd de laatste deelstudie uitgevoerd op vijf basisscholen in Californië, Verenigde Staten. Het Amerikaanse deel van het onderzoek bevestigde de Nederlandse conclusies.