En geeft ons en passant een inkijkje in de toekomst van deze soort die er – paradoxaal genoeg – heel rooskleurig lijkt uit te zien.

‘The blob’ was een uitzonderlijk sterke onderwaterhittegolf die drie jaar lang aanhield tussen de Amerikaanse staten Alaska en Californië. Deze hittegolf maakte heel wat slachtoffers. Want door the blob lieten talloze zeevogels, zeeleeuwen en baleinwalvissen massaal het leven. Onderzoekers hebben nu ontdekt dat ook een bijzondere kwal door the blob is getroffen. Alleen komt dit dier er merkwaardig genoeg een stuk beter van af.

Bezaantje
Onderzoekers ontdekten samen met fervente burgerwetenschappers dat op bepaalde momenten in de afgelopen 20 jaar, er massaal bezaantjes (Velella velella) aanspoelden. Het bezaantje is een ronde, 10 centimeter brede staatkwal die aan het oppervlak drijft. Op de bovenkant van het drijflichaam bevindt zich een met gas gevuld driehoekig zeiltje, zodat hij zich door de wind kan laten voortbewegen. Zijn delicate paarse tentakels bevinden zich net onder het wateroppervlak, waardoor hij zoöplankton en larven kan vangen terwijl hij over het water scheert. Maar overgeleverd aan de wind, kunnen deze kwallen ook aan land spoelen en stranden – soms zelfs met miljoenen tegelijk. “Op het water zijn bezaantjes mooie dieren,” zegt onderzoeker Julia Parrish. Maar wanneer ze aan land spoelen, drogen ze uit en worden ze als chips. Tijdens een massale stranding lijkt het alsof je op een knapperig tapijt loopt.”


Talloze, door de wind meegesleepte bezaantjes spoelden in 2014, op South Jetty Beach, Californië, aan land. Afbeelding: COASST

Hoewel deze massale strandingen moeilijk te missen zijn, is er eigenlijk nog maar heel weinig over het hoe en waarom bekend. En dus riepen onderzoekers de hulp in van burgerwetenschappers om de onderste steen boven te halen. “Burgerwetenschappers hebben de grootste en langste dataset over deze massale strandingen van bezaantjes ter wereld gecreëerd,” aldus Parrish.

Patronen
De onderzoekers ontdekten in de verzamelde gegevens verschillende patronen. In het bijzonder spoelden bezaantjes namelijk op het zelfde moment over de gehele Amerikaanse westkust – van het noordwestelijke puntje van de staat Washington tot aan het zuiden van Californië – aan. Ook bleken er meer bezaantjes te stranden in de jaren dat de winters warmer waren dan normaal. Het team dook wat dieper in de materie. En toen ontdekten ze dat de meeste bezaantjes tijdens de lente strandden, wanneer de wind verschuift en de dieren naar de kust worden geduwd. Bovendien blijken er bijzonder veel bezaantjes tussen 2003 en 2005 en opnieuw tussen 2015 en 2019 aan land te zijn gespoeld. De karkassen bedekten in de laatst genoemde jaren meer dan 1000 kilometer aaneengesloten kustlijn. Deze massale stranding vond plaats gedurende een periode van slechts twee weken tussen half maart en half april.

The blob
De resultaten leiden tot een opvallende ontdekking. Want die tweede periode komt namelijk precies overeen met het moment waarop ook the blob acte de présence gaf. Volgens het team hebben de warmere winters gedurende deze jaren ervoor gezorgd dat bezaantjes zich op de open oceaan waagden. Maar toen de wind in de lente veranderde, werden enorme aantallen bezaantjes naar de kust geduwd, waar ze aan land spoelden.


Winnaars
Toch lijkt het er niet op dat dit de doodsteek voor de soort betekende. In tegendeel. In deze tijd waarin condities veranderen en oceanen opwarmen, zijn er altijd winnaars en verliezers. En hoewel vele bezaantjes uiteindelijk op het strand stierven, lijken de kwallen toch winnaars. Ze gedijen namelijk goed onder warmere omstandigheden, waardoor de aantallen toenemen. Bovendien zijn er aanwijzingen dat de oceaan tijdens warmere winters rustiger en minder golvend is; ook een voordeel. “Onze studie suggereert dat we in een opwarmende wereld meer bezaantjes zullen gaan zien,” concludeert Parrish. “Een veranderend klimaat zorgt voor nieuwe winnaars en verliezers. Wat echter ‘eng’ is, is dat we die verandering nu daadwerkelijk aan het documenteren zijn.”

Aangezien warmere winters naar verwachting zullen toenemen, kunnen de bevindingen uit deze studie duidelijke gevolgen hebben voor bezaantjes, evenals voor de vissen die ze eten en de stranden waarop ze aanspoelen.