Iedere week bespreekt Scientias.nl een bekende of minder bekende complottheorie. Deze week: De maanlanding zou in scène zijn gezet om gezichtsverlies te voorkomen en de ruimterace te winnen.

“It’s one small step for man, one giant leap for mankind.” Deze legendarische woorden sprak de onlangs overleden Neil Armstrong uit toen hij, samen met Buzz Aldrin, in 1969 voet
op de maan zette. Tenminste… Dat willen ze ons doen laten geloven!

De theorie
De maanlandingen zou niet echt gebeurd zijn, maar door de Amerikanen in scène zijn gezet.

Wat wordt er precies beweerd?
Een kleine groep ‘believers’ gelooft niet dat de Amerikanen tussen 1969 en 1972 voet op de maan hebben gezet. De zes missies, waarin twaalf Amerikaanse astronauten op de maan rondliepen, rondreden en een potje golf speelden, zouden in werkelijkheid in een geheime studio opgezet zijn met acteurs. Sommige mensen beweren zelfs dat science-fiction schrijver Arthur C. Clarke en filmregisseur Stanley Kubrick (allebei van 2001: A Space Odyssey) bij het hele toneelstuk betrokken waren.

Nog mysterieuzer
NASA had indertijd zo’n 30 miljard euro bij elkaar gesprokkeld voor het Apolloprogramma. Dat geld was ook hard nodig, zeggen de theoretici, om alle betrokken af te kopen, of in sommige gevallen zelfs in het diepste geheim om te leggen. Er bestaan echter ook iets mysterieuzere theoriën. Die zeggen in essentie dat NASA wel degelijk op de maan landde, maar dat wat de astronauten daar aantroffen nooit of te nimmer publiek zou mogen worden gemaakt. In sommige verhalen is dat een menselijk skelet, gekleed in t-shirt en spijkerbroek (wat helemaal niet kan). In anderen waren het de overblijfselen van een buitenaards beschaving, en in de wildste verhalen gaat het om zelfs nog levende (en uiteraard vijandige) aliens. Maar voor die claims hebben de theoretici nooit echt ‘bewijs’ kunnen aandragen.

De motieven
Waarom de Amerikaanse overheid zo ver zou gaan om de maanlanding te simuleren mag duidelijk zijn: macht. Het was midden in de Koude Oorlog en de Amerikanen hadden al veel slagen om de ruimterace verloren. De Sputnik (eerste object in de ruimte), was Russisch, net als de eerste mens (Yuri Gagarin), het eerste object rond de zon (Luna 1), de eerste vrouw in de ruimte (Valentia Tereshkova), de eerste ruimtewandeling (Alexei Leonov) en de eerste impact-sonde op Venus (Venera probe) én de maan (Luna 9). De Amerikanen hadden dus iets in te halen. Toenmalig president John F. Kennedy had in 1962 nog gezworen dat “voor het einde van het decennium” een Amerikaan de maan zou bereiken. Het was de definitieve finale van de ruimterace, en de Amerikanen flikten het in 1969.

[youtube http://www.youtube.com/watch?v=ouRbkBAOGEw?rel=0&w=600&h=300]

Een andere theorie stelt dat NASA haar eigen voortbestaan zou willen redden. Als de maanlanding na zoveel bombarie niet zou lukken, zou de legitimiteit van de ruimtevaartorganisatie hard omlaag gaan. Het was daarom noodzaak zoveel mogelijk mensen te overtuigen van hun kunnen.

De ‘bewijzen’
Maar ieder weldenkend mens weet dat u natuurlijk nooit op de maan kan landen, aldus de doemdenkers. Er is immers geen atmosfeer, er is groot gevaar voor zonnestraling en straling… Het zou dus eigenlijk logisch moeten zijn dat de maanlanding nep was. Toch? Buiten dat weten de hoaxers nog meer dingen die wij niet weten. Hoe kan de Amerikaanse vlag bijvoorbeeld wapperen als er geen wind is op de maan? En dan is er nog de iconische foto van Buzz Aldrin. Waarom zijn er geen sterren te zien in de achtergrond? Sterker nog, vrijwel nergens op de foto’s zijn sterren te zien. En ook al zou het behoorlijk knullig zijn van NASA als ze zoiets basaals zou zijn vergeten, het neemt de duistere vermoedens niet weg. Ook op de rest van de foto’s is een hoop aan te merken. Schaduwen die niet parallel zouden lopen, er zouden meerdere schaduwen te zien zijn, en landen zou door de zogenaamde Van Allen-gordel niet eens mogelijk zijn.

Er zijn geen sterren te zien op deze iconische foto van Buzz Aldrin. Een snelle fotografiecursus leert echter dat het zonlicht dat de maan verlicht, het onmogelijk maakt sterren in de verte te fotograferen.

Te veel foto’s
Ook het aantal foto’s dat is gemaakt roept vragen op: Dat zijn er namelijk wel bijzonder veel. Tijdens alle zes missies bij elkaar zijn er ruim 5000 plaatjes geschoten. En da’s toch wel een hoop, want de maanwandelingen duurden bij elkaar zo’n 4000 minuten. Dat zou betekenen dat de astronauten zowat iedere minuut een foto hadden moeten maken. Samen met het wetenschappelijke onderzoek dat er ter plekke is gedaan (zoals het verzamelen van maanstenen) en andere activiteiten (zoals rondracen in een karretje) zou dat onmogelijk zijn geweest.

Verklaringen
Natuurlijk zijn alle argumenten wel te verklaren. De vlag wappert bijvoorbeeld helemaal niet. In plaats daarvan draaiden Buzz en Neil de vlaggenstok een paar keer rond, om hem beter in de grond te krijgen. Daardoor ontstond een wapperend effect. Het ontbreken van sterren op de foto’s werd meteen door fotografen ontkracht: bij een heldere voorgrond en weinig achterlicht valt het kleine beetje sterrenlicht volledig weg. En de zogenaamde straling? Die bewijst juist dat de astronauten wel degelijk op de maan zijn geweest! Door aluminiumschilden rondom de Apollo-landers werd de hoeveelheid straling gereduceerd tot een prima te overleven dosis. Daarom werd er, na terugkeer op aarde, bij een aantal astronauten een vorm van straling gemeten, zij het in een kleine hoeveelheid. Dat geeft dus aan dat de astronauten zeker door de Van Allen-gordel hen zijn gevlogen.

De verbeelding van de ‘believers’ lijkt oneindig. Ze hebben duizend-en-één ideeën, en voor ieder bewijsstuk dat u ze laat zien weten ze tien tegenargumenten aan te dragen. Maar u kunt het natuurlijk ook van de andere kant bekijken. Als de NASA al die moeite zou doen om de maanlanding in scene te zetten, waarom hebben ze dan sinds die tijd zo weinig nieuws gepresteerd?

Volgende week behandelen we op Scientias.nl de theorie dat het aidsvirus door de overheid zou zijn gecreëerd. Kent u ook een complottheorie waar u meer over zou willen weten? Laat het ons dan weten in de comments of via Twitter, of mail naar tijs@scientias.nl.