Traumatische ervaringen kunnen mensen zowel fysiek als mentaal voor het leven tekenen. Maar het gaat nog verder: een trauma tast ook het DNA dat verantwoordelijk is voor het immuunsysteem en geheugen aan. Dat concluderen onderzoekers.

Sandro Galea onderzocht bloedmonsters van 23 mensen met een posttraumatisch stresssyndroom (PTSS) en vergeleek deze met het bloed van gezonde mensen. Galea ontdekte dat sommige genen bij de mensen met PTSS minder actief waren. Deze genen waren van invloed op het immuunsysteem en de ontwikkeling van hersencellen. Naarmate de mensen meer traumatische ervaringen hadden gehad, nam ook de schade aan de genen toe.

De studie verklaart waarom mensen met PTSS vaak na verloop van tijd geheugenverlies ervaren. Ook kunnen de resultaten helpen om de diagnose PTSS zo snel mogelijk te stellen. Nu is dat vaak nog lastig, maar in de toekomst zou het bestuderen van de genen al een aanwijzing kunnen zijn dat iemand PTSS heeft.

PTSS ontstaat wanneer mensen een traumatische gebeurtenis meemaken. De aandoening treft veel soldaten en veteranen, maar ook slachtoffers van natuurrampen kunnen er last van hebben. Ook verkrachtingen leiden soms tot PTSS. De symptomen van PTSS zijn onder meer depressie, slaapstoornissen en het verdringen of juist herbeleven van de gebeurtenissen